Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 719

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 719

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Hoofddeel werken geroepen,

hij

werkeloos,

nooit

is

§

V.

De Deo operante sensu generali.

2.

29

moet zijn bestaan regelen naar het bestaan Gods God daarom moet Jezus, als de Zoon des menschen op den ;

Sabbat Zijn Messiaswerk laten doorgaan In

Efeze

1

10.

dat

in

geworden

vinden wij over het werken Gods het volgende. vers

20.

gezegd wordt: „In Hem, die

wij,

zijn,

desgenen, die

11

voren

te

welken wij ook een erfdeel

in

waren naar het voornemen

verordineerd

dingen werkt naar den raad van Zijnen wil",

alle

dat vers 19 ons zegt

„Welke de uitnemende grootheid

:

Zijner kracht

zij,

aan ons, die gelooven, naar de werking der sterkte Zijner macht" en 30.

dat het in vers

genen, die alles In

heet

project

getoond

van

eene

wordt ons dan

uit

alles te

uit

de verkiezing Gods

eeuwen voltooiing kwam.

maar

;

het

alles

is

Gods en

l-jipyax

maar dat God

woord,

werken Gods wordt

zonder inspanning, de

neen,

de bron van de kracht

in

stillen,

de indruk

werken Gods

dat

maar

er

den absoluten zin van

in

werkt naar den Raad Zijns willens, en van

nu

niet

er

wordt gezegd, dat

de

voorstelling

gegeven van een werken als

er,

brengt, eene hépycix roü y-pkro^ rrc

ziel

Verder wordt

alles

lijn

getoond en daarvan gezegd, dat

lijn

éen

Nu wordt ons

wordt op de geheele

er

dat eigenlijk het schepsel niet werkt

is,

het

in

van

lijn

het eind der

boven gaande

gansche

die

dat

geloof

en de vervulling des-

is,

eerbied gesproken) niet de voorstelling gegeven van een

(met

éen werker

Zijn lichaam

Christus tot

in

rustigen denker, die daar neerzit,

gegeven

aan

tot

machtig, geestelijk werk, dat daarbij

„Welke

:

wordt met éene forsche

hoofdstuk

dit

geheele

het

23

allen vervult."

in

God menschen

het

uitgaat uit

la-'/óoc xIto'j

God. dat Hij dit alles werkt

aangetoond,

de geloovigen en dat

in

wanneer God iemand tot geloof brengt, het dezelfde werking is, die plaats grijpt als bij de opwekking van Christus uit de dooden, waartoe noodig was de volste en grootste werking Gods. In

Efeze 3

„naar

is

:

7 zegt de Apostel, dat

de gave

der

genade Gods,

hij

een dienaar des Evangelies geworden

die

hem gegeven

is,

naar de werking

Zijner kracht."

Weer dus Het

is

die

^-j-jxatc,

God, die

die in

werking wordt gebracht, die werkt

niet alleen als

de pottenbakker

iets

maakt om

in het

werk.

weg

het dan

maar de inwerkende kracht Gods laat nooit het product los. Zoo zien wij hoe in het Nieuwe Testament ook de Deus operans telkens weer voor de aanschouwing wordt geplaatst, en hoe, waar wij in het Oude Testate zetten,

ment wel

werken

hoorden

enz.,

van

de

werking Gods,

hier iets hoogers

plaats des Heeren

het

gevonden wordt,

worden binnengeleid. Wij

verblijden

n.1.

zien

dit,

van

dat wij als

Hem werkende

God 't

in

ware

die

in

en nu wordt

de al

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 719

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's