Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 506
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Creatione.
ÖO
tusschen den successus rerum en de uitkomsten van het geolo-
differentie, die
onderzoek voorkomt, daarin bestaat, dat de volgorde eenigszins anders
gisch
komt
24
vers
In
is.
zooverre
in
men
heeft
met
eerst
de
dan de t^m, en dan de
n'Qr\:i,
Dit
Pi^n,
geologische onderzoek overeen, dat de carnivore
het
dieren het bestaan supponeeren van de dieren die door hen voorden opgegeten.
Maar nu vinden we de
daar tusschen
tt'ün
de wetenschap
terwijl
in,
leert
dat ze voorafgaan.
Nu moeten we daarop intusschen niet te grooten nadruk we de volgorde van vers 24 vergelijken met vers 25, dan Heilige
de volgorde
Blijkbaar
gedierte.
de tweede plaats wijzen
In
de aarde doen staan, maar uit
is
het
stof
dan
het stof brengt ze voort. Pi":}
gelijk
ïi/SJ),
we
er op, dat
uit
In vs.
dat de
24 toch
is
wild gedierte, vee
:
dus
is
geinten-
niet
ook van deze landdieren geschreven
God
bij
En
nogmaals
Maar toch
den mensch. die dieren in
heeft ze niet plotseling
de aarde doen voortkomen.
der aarde genomen.
sterker zin het geval
als
Het verschil
aarde ze moest voortbrengen.
de
dat
geven.
te
een bloote opsomming.
Is
't
blijkt het,
de Schrift dus geen successueele, maar
wil
een additieve opsomming geven.
slechts
tioneerd.
staat,
den successus rerum
vee, kruipend en wild gedierte, en in vs. 25
:
kruipend
en
niet bedoelt
Schrift
Wanneer
leggen.
is
het
God neemt
Zelfs de
mensch
deze landdieren
bij
van het
niet
op
stof,
in
maar
worden nu dadelijk hier geïntroduceerd Voor het eerst wordt dus hier het
vers 30.
Ook de
En dat maar ze worden ook zielen genoemd. Naar onze gewone wijze van beschouwing, overgenomen niet uit de christelijke dogmatiek, maar uit de philosophie van Aristoteles, hebben de dieren geen ziel. In den lateren tijd echter heeft de wetenschap niet alleen op de gelijksoortigheid van het dier met den mensch ook in het psychische leven gev/ezen, maar dat psychische leven gecommemoreerd.
psychische
dieren hebben een
ziel.
alleen,
niet
leven
van
den mensch
En nu was men gefrap-
zelfs uit het dier verklaard.
peerd door de overeenkomst, en verwonderde zich dat die oude Bijbel
van zielen
bij
de dieren spreekt.
al
reeds
Dat was vernederend voor eigen inbeelding
en hoogheid.
De Schepping van het
Bijbelsch
Schepping van alleen
dier en
verhaal al
maar
mensch
heeft
ook op denzelfden dag
Maar nu
dag een gedeelte der dierenwereld ontstond, daarvan
plaats.
Was
natuurlijk de
de dieren op één dag gezet, en op den daaraanvolgenden
de Schepping van den mensch.
gedeelte
men
fantasie en verzinsel, dan had
te
zamen met den mensch.
lezen
en
we
dat op den vijfden
op den zesden een ander
Dit
verrast
daardoor de vogels en visschen nog verder van den mensch
te
meer, omdat
af staan
dan het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's