Dictaten dogmatiek. Locus de Salute, Ecclesia, Sacramentis - pagina 210
college-dictaat van een der studenten, niet in den handel
Locus DE Ecclesia.
30
spreken
satan
nog veel
moet
Drie
is
malen
komt
ontleend aan: Rom. 3
origine in Ps. 51
hierin
:
vinden,
lijdt,
goud bleek
die
Theodicee
in
ligt
het einde te
van den rechtvaardige
lijden
enkele gevallen^
in
wachten
hebben gemaakt, uitgedrukt
:
en zegt, dat
hem eens
in
de
heel de Heilige Schrift in den voorspoed
in
in
dit tot
de woorden
:
Gereformeerde Dogmatiek wordt
de
gloria Dei en de salus
(Ps. 73).
Die
prototype van de absolute Theo-
is
Nu
staat.
omdat de Gereformeerden
pieel punt,
noemd
God
te zijn.
nu, die
elke
God
duidelijk in Job geteekend
terwijl hij vraagt, of hij
is,
van den goddelooze tegenover het
In
wat we zeer
einde was, dat het goud van Job's geloof geen klater-
Een successieve Theodicee
dicee,
Tr,cdty,y.i.ccr'Wr,c xiroi».
Deze uitdrukking vindt haar
glorie bij de parousie schijnt het alsof iets
waarachtige geloovige
mag werpen. Het
strijd
de hdn^rj
25, 26:
de geschiedenis van Job treedt Satan op tegen
in
Job geen zeef
op de
tot
tegenover Satan
echec
:
deze uitdrukking voor.
6.
Tot op Christus en een
in
de Theodicee.
is
woord
Dit
schepping
iieele
voor het aangezicht des Heeren en
als oorspronkelijk
glorie
rijker
nu staat die
einde, en
creatuur belijden, dat Hij heeft overwonnen.
alle
Dat
maar nu komt het
;
dit
is
daarom zulk een princi-
een hoofdpunt hunner belijdenis
Deo
„Soli bij
gloria."
eiken locus tweeërlei doel ge-
hominum. Als men nu aan de Roomschen
stemmen ze wel oppervlakkig toe, maar feitelijk wordt door hen altijd de salus hominum op den voorgrond geDe Vermittiungs-theologen nemen zelfs de kerk als Heilsinstituut, zoo steld. anthropocentrisch mogelijk. Ook Doedes vat kerk en genade in dien zin op. Van gereformeerde zijde wordt niet de waarheid hiervan ontkend, maar beslist v/ordt op den voorgrond gezet, dat de mensch nooit motief is voor Gods Daarom luidt het slot 16. handelen. Hij doet alles om zichzelfs wil, Spr. 4 van de paragraaf: „het doel, waarmede Hij deze weer saambrenging van de gebroken scherven tot stand brengt is niet op zichzelf de redding van den zondaar, maar de redding van hetgeen door de zonde voor God en voor de en
Lutherschen
vraagt,
of dit
zoo
niet
is,
:
Naams teloor ging." Hoe God de Schepper, dan om
eere zijns
geven daarop het antwoord
:
zichzelfs wil kan
„Al wat
hemel worden de scharen voorgesteld Het werk der
God
teloor
ging,
verlossing gelijk
adem als
komt dus
geschreven
scheppen
heeft, love
?
De psalmen
den Heere." En
in
den
nieuwe lofzangen zingende. stand,
tot
staat
:
„Ik
om
te herstellen,
doe het
maar om mijns grooten naams wil." (Ezech. 36). De brief aan de Romeinen vooral zingt dit thema
in
al
wat voor
niet
om
zijn
tonen door. De
uwentwille,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's