Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 575
college-dictaat van een der studenten
!
Caput
Inleiding.
I.
27
was het onwezenlijke, terwijl Hij is de bestaande, uit wien alles komt. En die Aóysc had reeds van den horizont af de ^ó^ot., die Hij bezat bij den Vader maar uit de verte konden wij haar niet zien toen zij dichter bij kwam, konden wij er naar gluren, spicere maar nu de Aóyoq vleesch geworden is zij
;
;
;
Só^xv xLto-j
t),v
tB-c%(Tx/u.iS-x
;
een Só^x die Hij reeds van den oorsprong af had.
was eene Só^x ^ovcyivo-jc, als van den eerst en eeniggeborene van den Vader. En die Abyoq was niet een mensch, die tot de waarheid en de genade moest opklimmen, maar die ze persoonlijk in zich droeg. En wat is nu dat f^xprüpix van Johannes? Die na mij komt, is voor mij geworden ctl 7rpi:.iTbc (jlzu ry. Er staat niet Ts-p'oTtpzq (want dat zou bijv. van zijn vader waar zijn), maar 7^p''^^rc^, en in En deze
Sot^x
dat TTphsroq
het absolute, de kiem waaruit alles voortkomt.
ligt
tak ten opzichte van de vrucht,
En
in
Hem
En nu
de
de 2^^ plaats (vers 16) dat het
is
7cp<~MToq
eikel,
waaruit de geheele
Ylpbrzpzq
Christus de geheele historie inzit
in
zegt de Apostel, dat in die eeuwige diepte aan den horizont
nooit iemand geweest uit
Christus TTXTpbq,
zal
u
van
-TTXTÏpx"
maar de eenige
;
ze successievelijk
hebben
zij
die geweest
is
allen
in
v.q
God
bij
genomen
rhv kó'attcv
werk gedaan en dat is wat Ps. 2 zegt verhalen" en hier genoemd wordt „'-'^riyr,<TXTo 'ripcrj
heeft
Hij
geen profeet noch ziener, want
heeft een groot
besluit
't
is,
xyrc yJ'.pi.Toq
yj^ptq
die
;
en daaruit devolveert als een stroom de geschiedenis.
TrXrjp^fx.x
ro~j
de
is
boom opgroeide.
alle
;
schatten
uit
het
„Ik
:
rz-j
Gods „verhaald" door
raadsbesluit
het leven in te brengen.
in
Deze geheele proloog dient dus niet om het voorbestaan van Christus als Gods Zoon te bewijzen, want dat ware onzin, maar wil dit leeren, dat de Messias een voorbestaan heeft, en dat de geschiedenis van
God
leven van elk kind van dat
de
meer en meer uitkome
Messias
volkomenheid voor
zin, n.1.
aan
in
oog zich vertoonen
n.1.
zijne Jó^'x, totdat Hij eindelijk in zal.
Openbaring herhaaldelijk genoemd wordt de „wortel David de wortel des Heeren is zeer opmerkelijk. In gelijken
Dat Christus Davids" en
aller
van de Kerk, van het
Israël,
en van de heele wereld slechts één doel heeft,
in
niet
de
van een voelen dat Christus
kwam Hem
te zien,
er
was van den aanbeginne en
moeten wij ook Gen. 49
8 opvatten.
:
het er
op
Het stervend
oog van Jakob zoekt den Christus, zijne oudste zonen zijn reeds voorbij gegaan maar nu Juda komt ziet hij de lijn, die rechtstreeks leidt van Christus naar ;
Juda en van Juda naar Christus
;
daarom zegt
hij
:
Juda,
Hetzelfde geldt ook van Bileam's woorden
gij
zijt
het
Num. 24 17, Ook hier is sprake van een „Hem", een ongenoemden, van wien men voelt dat Hij er is, met wien men in contact staat, maar van verre, niet van nabij. Jesaja 49 8 hier :
:
wordt gezegd: het
„Ik
van
product
heb
Hem
gegeven
verbond,
het
tot
een verbond"
maar het verbond
;
zelf,
die persoon
waaronder
;
dus
niet
Israël
ge-
is
geleefd heeft. In
dien
zin
had. Joh. 17
:
spreekt 5,
24.
Christus
De Zoon
zelf
van de
do'^x,
die Hij
bij
God den Vader
spreekt hier niet van de Majesteit, die Hij als
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's