Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 383
college-dictaat van een der studenten
§
De virtutibus
7.
onderscheidene beteekenissen van
kunnen
van
wij,
wat we
bij ^n
het
bij
slotte
bij
Oude Testament missen
het
Nieuwe wel hebben, namelijk eene reeks van
klassieke
aan de Bijbelsche litteratuur voorafgaan.
dezen nog opgemerkt, dat de revelatie
te
zij
afwijkende haar
in
Immers,
stempel der revelatie.
het
schrijvers, die
Ten
Maar
aen die van \n ontleend.
yjx.piq
wij niet constateeren, inhoeverre al die afwijkende beteekenissen vrucht
zijn
die
365
Dei.
beteekenissen
gebruikt,
maar dat
opnam, welke het klassieke Grieksch
usus
niet alleen
yjf-pi^i
in
ook veel afleidingen
zij
niet kent, bijvoorbeeld
yxpirz'jv.
'^kpcn-fix^
Wij hebben de gratia dus op
vatten als bonitas exeuns, eene uit den Fons
te
omnium bonorum voortkomende
uiting
van goedheid.
omvat het
In dien zin
God aan zijn creatuur toekomen. Vanwat geen „De God nu aller genade"
begrip van „genade" alle gaven, die van daar, dat wij in
Petr. 5
1
:
10 lezen
.
:
mag wezen, maar dat te kennen geeft omnium bonorum ons toevloeit. Vandaar ook, klank
:
allerlei
.
.,
goed, dat uit den Fons
dat wij %xpci; niet alleen gebezigd
vinden voor de genade, aan den zondaar bewezen, maar ook aan het schepsel
aanmerking van de zonde. Cf. Luk. 2 52, Daar is natuurlijk geen sprake van genade, aan den zondaar bewezen, want het geldt Gods Heilig Kind Jezus, buiten
en
:
wordt
^lóg
Jezus
Evenzoo
van menschen.
wat
van
wij
God
want wel
is
staat
eene
Jó^'a,
genade.
In
Hier
worden.
te
is
Acta 7 gaf
is
het,
:
God
en
40,
-/Jipig
en
aAv^S-c^a.
10 lezen wij ten opzichte
:
Het beteekent hier dus, dat
waar wij het reflexieve begrip vinden Hier wordt gedoeld op het welgevallen, dat 30 is evenmin sprake van vergevende genade, zij alleen door genade zalig geworden, maar dat zij uitverkoren werd om de moeder van :
Eene hooge gunst dus.
die uitstraalde in
wijsheid
en
1
Maria zondig en
av^p<^7roq.
de gunst, het welbehagen, beide van
Luk. 2
Luk.
In
trekt.
hier niet.
den Messias
in
in
vers 52 lazen.
in
Jezus van
dat
gecombineerd met
er
mocht verheugen
zich
In Joh,
1
:
14
is
sprake van
Wederom dus geen vergevende van Jozef, dat God hem genade
voor Farao, hetgeen niet doelt op vergevende genade, maar
op eene aangenaamheid in het oog van Egyptes koning. Hier hebben wij dus steeds te doen met een bonum exeuns ad creaturam, zonder dat het creatuur nog voorkomt
als zondaar.
Nieuwe Testament ook wel verwisseld wordt met begrip van een bonum ligt, en met yj}r,<TrcT-/]Cj dat ook op
Vandaar, dat x^pia liTcnx, waarin het
een bonum, een
in
het
utile wijst.
Oude Testament vinden wij datzelfde „neutrale" begrip, als ik het Daar is nog geen sprake van vergeving der 1. zoo noemen mag. Cf. Ps. 27 zonden. Daarom komt het ook voor onder het beeld van een herder dat duidt In
het
:
;
geen
vergeving aan,
maar sympathie en een uitgang der
liefde.
Hetzelfde
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's