Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 887
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel
VI.
§
De Grondbeschouwing der
3.
maar
het geïsoleerde deel te brengen,
in
om
we
Laten
N.
alleen dat heil tijdelijk af te sluiten,
de
dat
hoogste
vromen) maar
engelen
gedragen
den
uit
Simeon
volken,
begin van Lukas'
't
menschen
in
Eere
:
God
zij
Joden
(niet in
ja
Engelen
de
Wanneer
of in
een toon ingezet, die weer
opvat,
het heil
kind
het
het kindeke Jezus in den tempel wordt
zijne
in
Gods aan de
den meest alge-
in
armen neemt en
den tempel des
in
beteekenis dier geboorte voor de wereld uitspreekt, dan
Hem
noemt
hij
daarna voegt
door
Oude Testament
het
dat die Christus zou zijn de zaligheid, die bereid
profetie
zijne
luidt
aarde,
wat het
terloops op
in
teekent als bestemd voor menschen
en
Ouden Verbonds de alle
op
hemel
van het woord.
en
we
menschen een welbehagen.
in
aarde aankondigt zin
letten
den hemel neerdalen en zingen
uit
vrede
den geheelen gang van
meenen
na deze hoofdmomenten: het Paradijs
dan lezen wij daar reeds
geeft,
hemelen,
van
Ziedaar
liggen,
hebben beschouwd, en
te
inzet
als
Evangelie,
de
nu een oogenblik
dit
Abraham
ons
T.
en
197
het voor alle geslachten der aarde ten eeiiv/igcn zegen te bereiden.
Noach en
in
H. S.
er
hij
voor
is
Hcht tot verlichting der heidenen
uw
van
heerlijkheid
„tot
bij
een
eerst
volk Israël".
Hier
is
dus weer de meest breede opvatting die eerst de volkeren noemt.
Waar
Christus
spreekt
Matth.
de
in
5
13 en 14:
:
wereld.
Dadelijk
hebben
voor
aangebracht Keeren
zelf
Gij
zegt
daar
om
der
op
er onmiddellijk
Hij
aarde en: Gij
volgelingen
zijnen
het
dat
aan,
uit-
volgen
in
zijt
het licht der
zij
eene roeping
Hem
wereld, en dat de bestemming van het heil door
het zout der aarde te zijn.
nog even terug
nu
laat
zout
het
zijt
Hij
de
heel is,
wij
verscheidene
de bergrede optreedt en de wet des koninkrijks
in
zaligsprekingen,
dingen
in
op
zijn
tot
het
Oude Testament, omdat
merken,
te
die
het
reeds
nog
er
gezegde
nader
Psalm 49 2 een lied van Korach gezongen in Israël; dus eene openbaring Gods in den kring der besnedenen Hoe heft die Psalm aan ? adstrueeren.
Zie
:
!
„Hoort
dit,
de gezichten richt
volk.
de
alle
gij
der
Heere
volken
Profeten
zich
Wel komen
in
neemt
!
komt
gezicht
ter oore, alle
dergelijks
iets
en
toespraak
inwoners der wereld".
tot
de heidenen,
er afzonderlijke dreig- en strafprofetieën
der volkeren, maar daarmede hebben wij hier niet te maken.
geene strafprofetie houdt, roept volkeren der wereld. kleinen kring aan, In
Psalm 33
:
De zaak van
maar
8—11
enkele
Hij als getuigen
slechts
Hem
moeten schrikken".
toekomende
zien
wij
niet tot zijn
voor aan het adres
Ook daar waar God
zijne verschijning heil
het geheele menschclijke geslacht
personen
niet
het
voor
„maar
alle
aan
al
de
gaat dus niet alleen een is
er bij geinteressccrd.
ook hoe de eisch om den Heere
aangaat,
In
voor, telkens weer
gedurig
te
vreezen
inwoners der wereld voor
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's