Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 616

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 616

college-dictaat van een der studenten

1 minuut leestijd

Locus DE Deo (Pars Altera).

182

Nu komen we

II.

eene volgende observatie, die waarin wij gaan onder-

tot

vormen

zoeken, onder welke

dat Goddelijk subiect optreedt dat zoo beslist in

Christus wordt erkend.

Wanneer een

subiect dikwijls verschijnt en genoemd wordt, dan moet het ook zekere forma aannemen, dan moeten er woorden en namen waardoor ons het karakter van dat subiect wordt aangeduid, en zoo

noodzakelijk zijn,

dan ook, dat de formae, de namen, waarmede de Heilige Schrift Goddelijk subiect in den Christus poogt uit te drukken in eigen

vinden

ons

wij

dit

karakter, in onderscheiding van 10.

en

r,

eÏKiov

Aóysc,

20.

c

30.

Ts k7rxC'yx<Tfix,

40.

c

50.

'o

Niet

itióc.

aanmerking komen

in

„Zoon des Menschen benamingen

de

in

hier die reeks andere uitdrukkingen die o. k zoo rh b.pvicy tz-j C-)c;S; de uitdrukking „Messias";

Koning der Koningen;

.' ;

Heilige

omdat

hooren,

als:

wij

Schrift

Wat nu de .

e

r,

t

K

De naam komt voor

vers 4

in fir,

zoo

is,

h

:

De

alle

hier niet

doen hebben met wat den Christus

Hem

als

aanduidt als Goddelijk subiect.

beginnen wij met die van

betreft,

Cor. 4

:

:

4.

gezegd heeft

:

„Doch

indien ook ons evangelie

het bedekt in degenen die verloren gaan", laat

is

di; b

we

Vragen

reden

etc;

maar

B-eot:

rzlt

xJ.divoq

(p^jirKTiJLSv

rx vornxxrx

toIitou Irófkhicnv

toü Vjxyyt'kioD rr,c

Sói^rji;

hij

nu volgen

tCju a.m<TT(jiv cic tz

tz'j \pi(rTcïiy

'6

ü

ktTTiv

Tsü esD.

wat deze

laatste woorden beteekenen, dan moet het antgevonden worden door de beantwoording van een tweede Waarom staan die woorden er bij ?

woord op vraag

2

in

in vers 2.

(xLyxfTxi xlroXc rov

z!.yji)v

AxFiS

'M V.

Nadat de Apostel bedekt

benamingen

eigenlijke

pi<^x to'j

'r

die rijk in beteekenis zijn,

hier niet te

Middelaar karakteriseert, maar wat

1

zijn

y^xpxKTT/jp,

vaak worden gebezigd

thuis

Trxrr^p,

5

Trp'xiTÓToy.ci:.

'o

:

nu,

die vraag

zin

zou

voor die

gezocht

in

volkomen uitgewerkt

dat

in

bestralen.

zoo ze er in

niet bij

stonden

het volgende,

;

de

maar moet

het voorafgaande gesproken van een hooger geestelijk levens-

aan de geloovigen toekomt, en dat

die hun hart verharden; heerlijkheid

zijn

bijvoeging kan niet gelegen zijn

hetgeen voorafgaat.

Er wordt element

toch

van

bij

Christus,

hen toch

zoodat

is

een

niet

Kx/.j/ufzx

de glans dier

gegeven wordt aan hen dat gehangen

heerlijkheid

hen

is

voor die niet

kan

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 616

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's