Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 350
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE MAGISTRATÜ.
322
beginsel
„God
:
de koning en
is
onverschillig, of die
alle
menschen
zijn Zijn
onderdanen," geheel
volk behoort of een magistraatspersoon
tot het
God den Heere
het
heeft
mensch
om
beliefd
enkele personen te gebruiken
natuurlijk
blijven
roeping
dienst,
God de Heere
en
taak,
onderdanen,
Zijn
ze
maar ze
dorp of een koning
zijn
krijgen eenen bepaalden
gebruikt als middelen, waardoor Hij zijn volk regeert.
Daaruit volgt nu vanzelf, dat een vader in
op
Republiek of wat ook,
allen,
in
wat
zijn huisgezin,
ééne klasse staan.
dit betreft, in
God
Ze
zijn allen
gebruikt, allen
personen, door wie Hij het geheel of een deel van Zijn volk verzorgt
zijn het
Het verschil, dat tusschen deze onderscheiden personen bestaat
en regeert.
een gradueel verschil.
Een vader
heeft
den
burgemeester over
een
gezin,
een burgemeester
land of de Staten-Generaal in onze vroegere
zijn
zelfde soort, één species, ze zijn allen menschen, die
één
de
gouverneurs en oversten, die
rentmeesters,
zijn
Nu
Die men-
menschenkinderen op aarde te leiden, te besturen en te verzorgen. sehen
is.
om
gezag over den kleinen kring van
kleinen
is
zijn
van het dorp enz. en een
kring
Dit gradueele verschil weegt natuurlijk zeer daarom ook van invloed zoowel op de macht, die door God aan deze onderscheiden personen in handen is gegeven, als op de middelen, die zij tot bescherming dier macht ontvangen. Maar dit verandert de verhouding
koning over het geheele volk. zeker en
tot
God
is
toch
Alleen blijven ze van
niet.
Het
verneurs.
is
God
aangestelde ambtenaren en gou-
dezelfde verhouding, die geboren wordt, als een vader een
zijn kinderen aanstelt. Door den gouverneur te gehoorzamen gehoorzamen de kinderen ook den vader. De gouverneur is een loontrekkend
gouverneur over
die
heer,
slechts
als
zoodanig niets over de kinderen kracht
alleen
èn
voor zoolang èn
in
de gouverneur macht over de kinderen zou hebben.
dat
God
stelt
Hiermede hangt samen het vraagstuk der Door de ongelukkige wijze, waarop men het lieverlede
in
onze
wijze
eenen koning majesteit wordt,
heeft,
en
dit heeft
Op
dezelfde wijze
over zijne kinderen op aarde gouverneurs aan.
III.
majesteit.
is
best
was,
maar
bij
der
zeggen
te
zooverre de aanstelling strekt,
toen
de
te
Toen
van
spreken
noemen. in
de
Dit
16^e,
souvereiniteit
het is
majesteit. droit divin exploiteert,
beginsel
onzinnig,
17^^ en IS^e
ingedrongen
om
is
van
alleen
want overal, waar geregeerd eeuw ons land een gemeene-
dus niet berustte
bij
een koning of keizer,
de Staten, droegen deze Staten den naam van Hoogmogende Heeren
Staten-Generaal der Vereenigde Nederlanden.
Hollandsche vertaling van het woord majestas.
Dit
Hoogmogend was toen de was zoo volkomen zuiver
opgevat. Tot voorkoming van misverstand was toch nog beter geweest Hare Mogendheid de Staten-Generaal, omdat deze als college als gouverneurs over het
land
waren aangesteld en
als
zoodanig bekleed waren met de majesteit.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's