Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 446
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Altera)
12
Daar hebben
gedachte.
wij
kingen mee te worstelen.
nog Maar
dan
wij
wordt. In
Is
„persoon"
bij
woorden
als „vader",
„moeder" enz. hebben
wat
ieder weet dan tenminste,
;
mee bedoeld
er
dat net andersom.
is
Oud-Nederlandsch
het
overeenkomt. 't
concreets
iets bij
philosophische en dogmatische onderzoe-
alle
bij
En
„persoon"
is
bekend, ook niets wat er mee
niet
de Gothische Bijbelvertaling vindt men geen verwant woord,
In
overgenomen
het Latijn, eigenlijk
uit
nog
niet eens rechtstreeks
van de
maar meer langs den weg van het kerkelijk en klassiek Latijn, en van het Fransch. Wat „persona'' bij de Romeinen beteekende, is ook onbekend. Latere geleerden, waaronder zelfs Schiller, leidden het af van het Grieksche Romeinen,
Hoe
TTpóa-fjiTTsv.
wereld
ter
Anderen
elkander gemeen.
willen
eene samenstelling
er
Die etymologie staat nog
sonare, doorklinken.
De
eene verklaring.
De woorden hebben
het mogelijk?
is
het
een
koker
een
buisje,
soort
Nu
krachtiger gemaakt werd.
van
tusschen het woord en de zaak. heeten
„personam
en
zijn
hoofd afnemen".
zijn
eigen
begrip van „persoon" ik,
was
dat
Bij
was
dat
ik,
biedt toch
trompet, waardoor de stem grooter en
Maar
sonare geen sona maken.
persona
van per en
zij
Tusschen het gelaat en den mond
men beweerd,
heeft
roeper of doorklinker, omdat er meer sonus
van
Maar
een groote opening, bevond zich eene groote distantie met
masker, of
in zien
zwak.
met
tooneelspelers droegen namelijk een masker, een grooten
houten kop, die hun gezicht geheel bedekte.
van
vrij
niets
karakter
en
zedelijke
bezwaar tegen
eigen
die trompet zou
capiti detrahere"
echter in
dan het heele masker
beteekenen
het masker van
:
men tusschen twee wezens, woord voor ons tegenwoordig
caput (het eigenlijke
quot capita,
persona.
zijn
Naar
Men kan
dan toch eenige overeenkomst
zoo'n acteur onderscheidde
zijn :
er zit
dat dit de persona was, de
de stem kwam.
in
tot
Een acteur
persoonlijkheid
sensus is
heeft
alle tooneelspel.
;
caput carum), en
te beter acteur,
zijn
naarmate
en meer imitator
is
;
dat
gefingeerd hij
minder
is juist
het
„Persona", nu overgebracht op den
mensch in het algemeen, is dus de algemeen bekende indruk, het eigenaardige dat iemand van alle andere menschen onderscheidt. In verband hiermee wijs ik op twee uitspraken van Cicero, die hoogst interessant en van veel gewicht voor den locus de Trinitate zijn.
„Nobis personam
imposuit natura".
tusschen
iemands wezen
Trinitate
juist
op
en
aankomt.
zijn
Hier maakt
persoon,
„Intelligendum
iets,
est
hij
De
waar
het
bij
duabus quasi
het
rationis, altera
belangrijker.
En daar
niemand
iets
dogma de
communis ex eo quod omnes participes Deze uitspraak is nog est tributa." het éene wezen van den mensch twee personen. „Twee kan onbegrijpelijks in, en niemand zegt
quae proprie singulis
Hij leert hier in
vindt
11,28:
a natura nos
indutos esse personis, quarum una est
sumus
off.
dus eene onderscheiding
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's