Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 168
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Prima).
150
soon eenvoud, maar wel van den derden persoon enkelvoud spreken. Deze zelfde beteekenls gaat door als wij bijv. spreken van een eenvoudig man. Een parvenu is in den regel geen eenvoudig man, omdat hij in den regel niet zichzelven blijft, maar door kleeding, sieraden enz. zich componeert met een hoogere verschijning, een bijkomend iets, waardoor hij meer zoekt te schijnen dan hij is. Eenvoudig is iemand, die leeft overeenkomstig zijn eigen stand. Of ook in den dieper mentalen zin is iemand eenvoudig in zijn spreken, als hij de zaken voorstelt zooals ze zijn.]
Welnu, buiten
dien
in
af,
zoo
zin,
zonder
er
iets
samengesteld, met niets van
verstaan.
te
van wat aard ook, dat
nerlei compositie,
niet
bij,
ook de simplicitas Dei
is
is
Ood den Heere
In
is
gee-
de bedoeling van de belijdenis, die
wij thans onderzoeken.
Nu
quaestio dat
Thomas van Aquino
heeft III,
en
juist
art.
dien
tot
1
volledig
In
20.
In
30.
In
40.
In
50.
In
6.
In
Deo Deo Deo Deo Deo Deo
Elk dezer
zijn
„Summa Theologica",
pars prima
dialectisch dit stuk der simplicitas Dei uiteengezet, gelijk
8,
En
de kerk van Christus beleden was.
gedaan, dat
Ze
tegenstellingen. 10.
— in
tijd
in
zijn
we kunnen
zes in getal,
t.
hij
heeft dat zoo
volstaan met de mededeeling zijner
w.
nulla compositio est partium quantitativarum.
formae
nulla compositio est
et materiae.
nulla compositio est naturae et suppositi. nulla compositio est essentiae et esse. nulla compositio est generis et differentiarum.
nulla compositio est subiecti et accidentium. zij
met een kort woord toegelicht.
Deo nulla compositio est partium quantitativarum. wat een corpus uitmaakt, is een compositio membrorum. Daarbij is niet de qualitas, maar de quantitas de maat, waarmede wordt gemeten. De partes componentes worden daarbij dus partes, quae ad quantitatem spectant. 10.
In
Al
Zijn
er
menschen geweest, die werkelijk dachten, dat God uit zulke partes bestond ? Ja. De Manicheën leerden, dat men de stukjes van
quantitativae
God, die
de
in
daardoor den internum,
dat
dit
vergoddelijken.
te
een Goddelijke vonk
overgespat en alzoo
[Men
waren terechtgekomen, moest saamlezen, om
plantenwereld
mensch
zie toch
in
hun lichaam
wel
toe, dat
is
men
is,
De
mystici leeren met hun lumen
die uit het
Wezen Gods
dit
snood beweren
niet
belijdenis van den ftiiriTjui,;, waarbij wij zeggen, dat er in
dat
nu eene straal van dat
leeren, dat er een deel
Meent
gij,
in
hen
is
gekomen. verwarre met onze
God
een licht
is
en
mentem nostram. Maar de mystici Goddelijke Wezen In onze ziel overspat.j
licht eradiat in
van het
dat de leer dier partes quantitativae zulk een tastbare ongerijmd-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's