Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 396

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 396

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Locus DE Deo (Pars Prima.)

378

En het rechtspreken grijpt dan ingevolge die gestelde rechtsbedeeling plaats. het uitoefenen en het stellen Zoodoende hebben wij reeds twee dingen van het recht. Maar daarmee is die overheid er nog niet. Want die gestelde rechtsregelen worden niet daardoor recht, dat de overheid ze stelt, maar ze moeten zelf recht zijn. Zoodoende moet de overheid eene bron hebben, waaruit :

Dan pas

onderscheiden. zij

de

zijn

de

toe, dat

Dat

is

punten,

die

overheid aanstonds begrijpelijk

brengen

sprake

te

we

het laatste.

bij

is

20.

en onrecht

recht

ter

van 'de

karakteriseering

iustitia

tusschen

Maar dan beginnen

eene norma, waardoor het recht beslist wordt.

zijn,

welke

zelven,

Hem

uit

voor al de

creaturen onderling en tusschen het creatuur en

alle

als

de

bij

Diezelfde drie punten hebben wij nu ter

zijn.

God de Heere zelf cds het S u m m u m B o num. God moet rechtsregelen instellen. Dat zijn zijne ordinantiën

relatiën

kunnen

te

wezen moet en komt haar de eere

zij

de iustitia in den Meere onzen God.

Er moet eene bron

10.

Dat

bij

tusschen

waar

zij,

handhaaft.

iustitia

drie

om

norma,

eene

dat recht haalt,

ze

omnium

Fons

den

uit

b o n o

ru

m

Hem-

aan het

schepsel toevloeien.

En

God moet ook

3.

Dat doet

als

hij

Wij hebben dus zoo

niet bij

bij

God

precies hetzelfde als

God, omdat het zoo

in

handhaven

die rechtsregelen

de overheid, omdat het zoo

in

bij

God

Want de

is.

Als de rechter gezeten

de

„Indien

ectype

De

bij

Schrift

is

op

die

dan

zijn stoel,

goden noemt

overheid

.

God In

.").

is

zoo

eene dienaresse

den naam des Heeren.

in

daar (of liever

God

is

Er

terrein.

zijn tal

:

de goden;

het archetype, het

van

relatiën in het huiselijk leven,

op sociaal en commercieel,

en industrieel gebied, op aesthetisch en wetenschappelijk overheid zich niet

creatuur

wat men

in

in

de

al zijne relatiën op alle terrein.

Ja

zij

onderscheidene

deelen

van

ons heen

Hiermee hangt saam

het

onderscheid in straf

de

terrein,

ons lichaam

om

tot

gaat niet alleen over

engeren zin zou kunnen noemen de relatiën van den denkenden

natuur

lichaam

financieel

waarmee de

terrein is uiterst klein. Maar het terrein, waarGod Almachtig gaat, omvat het gansche leven van al

en willenden mensch, maar omvat ook het somatische van

terrein,

Haar

inlaat.

over de rechtsbedeeling van

bijv.

is

de overheid.

het persoonlijk verkeer van vrienden,

het

is

het

rechtsbedeeling van de overheid raakt dan ook niet alle relatiën. Ze gaat

maar over een beperkt in

.

zit

omgekeerd, het

Juist

is.

Maar

de overheid.

bij

de overheid

Gods, bekleed met de majesteit Gods en oordeelende

cf.

zijne rechtsbedeeling.

in

Vindex boni.

enz., in éen

de verhoudingen

tot elkander,

van ons

woord, het gansche leven. bij

de overheid en

bij

God.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 396

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's