Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 245
college-dictaat van een der studenten
§
De
8.
217
origine magistratus.
Voor ons komt het vooral aan op het tweede gedeelte totdat gij bekent, dat de Allerhoogste over de koninkrijken der menschen heerschappij heeft en dat :
aan wien Hij
Hij ze geeft
De
Daniël
dat
hierin,
Heidenschen
men
op
van
komt
Zion
niet
concludeeren
stérk
uit
in
van
regeering
in
algemeen, want
't
op den
woord keizer
zooals de pluralis
ander.
Nero,
terwijl
er
in
geen
Jeruzalem
komt ook
uit in
van de Overheden
is
Overheid
8. vs. 15,
in
waar
algemeen.
't
zal.
Danial beroept zich niet
Gods dienaren
een recht inzicht
tot
hij
spreekt uit
De „Theologia naturalis" leert aan de vorsten der aarde, zijn. Waar het nu alleen Gratia communis is, komt het
de Gratia communis. zij
onder de
is
eigen
Spreuken
op de Openbaring van Sinaï noch op die der patriarchen maar
weinig
overheid
mag men
Rom. 13 komt het algemeene karakter
In
de Opperheerschappij des Heeren erkennen
dat
De
dan, hier voor een Heidenschen vorst staande, vraagt van hem, dat
Daniël hij
wat geldt van den
van lederen koning.
hetgeen bovendien nog geschreven
aanduidt, sprake
ü'''2h'q
ligt
tot een'
van een' koning
^y.Tx,
Ditzelfde algemeene karakter
bestond.
alles,
is
een geestelijk koninkrijk voor, en van den een
in
het
maar
Israël,
de Heilige Schrift sprake
Israël, geldt volstrekt niet altijd
van
op deze plaats wijzen,
allereerst
den koning van
de behandeling van den Locus de Magistratu moet
Bij
letten, of er in
van een' koning
of
Israël
13
niet spreekt tot
hier
koning.
er altijd
koning van
wil.
waarom we na Rom.
reden,
;
wel,
wanneer ook de Gratia
specialis er bij komt.
De Mahomedanen
b.v.
Gods, maar
hen niet alleen tot de Gratia communis terug te brengen, ook het Oude en Nieuwe Testament, en danken dus bun
want
zij
recht
begrip
specialis
natuurlijk
hebben een zuiver begrip van de Overheid,
dit is bij
kennen aan
een inzicht
in Gratia
wordt mogelijk gemaakt. niet
voorstellen.
als dienaresse
de
voor,
In het Rijk
Gratia
Bij
communis, zooals dat door de Gratia
de Heidensche volkeren komt
communis kunnen
zij
zich
dit laatste
immers
niet
wel
van Babyion en de omliggende streken waren evenwel
de overblijfselen van de Paradijs-traditie en van Gratia communis het zuiverst
bewaard. zich
als
Daniël
stelt
koning op
nu aan koning Nebukadnezar, die evenals Lodewijk XIV
één
met God gesteld had, den eisch terug
lijn
te treden
in zijne eigenlijke positie.
Hier wordt de zaak uitsluitend bezien van die zijde
om den
te zetten
heid
en
koning eens neer
onderworpenheid op
te
en niet
leggen
;
om den onderdanen gehoorzaamis hier te doen om den koning
het
neer te drukken tegenover de zelfverheffing en een valsche opvatting van het droit divin. 10.
Er
is
sprake van twee dingen,
dat geen koning aan eigen macht of invloed zijn gezag
dat zijn gezag niet absoluut, teel
maar
relatief is; dat hij als
te
danken heef t
orgaan en instrumen-
souverein de macht van een ander waarneemt en uitoefent.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's