Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 709

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 709

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

§ van

de

facultas percipiendi, intelllgendi, volendi.

Drieëenheid

God

eenigen

De

7.

spreekt,

Dat

komt,

omdat men nog

noemde deze Memoria =^ id in

1^

men zoo veroordeelend over den

Gods.

Augustinus

drie

facultates

nooit zijn eigen

memoria,

:

intellectus,

homine unde omne gignitur

Drie-

wezen naging sicut

voluntas.

Pater

in

Trinitate.

2e

r=

Intellectus

memoria voortkomt 3e

=

Voluntas

Gehjk nu

de

procedit

de Xbyoc,

-de

Sanctus

Sanctus,

Spiritus

Spiritus

memoria atque

e

Augustinus

de gedachte,

het

dat wat uit onze

begrip,

sicut Filius gignitur e Patre.

intellectu

maar

nagesproken,

die de aandrijver tot een

e Patre Filioque procedit,

later

conjunctis."

daad

is.

zoo ook „voluntas

Een

tijdlang heeft men men de memoria weg, omdat men

liet

begreep

wat Augustinus er mee bedoeld had en meende, dat het geheugen geen facultas was. Men gevoelde echter, dat de tweeheid niet volkomen was en keerde daarom weer naar de trilogische indeeling terug, maar hing er nu een derde faculteit achteraan intellectus, voluntas atque niet

:

voluntatis qualiteit

Dit

libertas.

van

is

den

of

sensus, ie

intellectus,

Delitsch

:

maar

wil,

voluntas.

2e

Rationalisten

Schleiermacher

:

volgorde heeft

indeeling aan

men

:

In

gevoel

drie variëteiten:

sensus, intellectus, voluntas.

over de quaestie zelve.

2.

Wij hebben

a.

ons

in

onzen persoon

te

onderscheiden tusschen

ik.

het bewustzijn van ons

ik,

datgene, waarvan wij ons bewust worden.

c.

Ons voor

libertas een

intellectus, sensus, voluntas.

:

Nu

het

de

In

omdat de

aparte facultas naast den wil.

voluntas, intellectus, sensus.

3e

b.

een

niet

eeuw nam men dan ook een andere

laatst der vorige

't

laatste gaat natuurlijk niet op,

ik is

zich

onze persoon

zelf

ons

ik

kennen bestaat.

als zijnde zich zelf

;

van

het bewustzijn

ons

Wanneer

is

ik; en de

wij

het

wakker worden van ons

inhoud van dat bewustzijn

den mensch nu nemen

bewust, en als hebbende

in

als

is

zeggende:

ik,

wat ik,

dat bewustzijn een inhoud, dan

vragen wij: Hoe komt de mensch nu aan dien inhoud? De paragraaf geeft ten dat kan hij hebben, omdat hij van God kreeg een facultas percipi-

antwoord

endij^

:

want deze is passief en een facultas moet altijd actief zijrT.^ Heeft nu de mensch die facultas percipiendi, dan komt de tweede vraag, waar niet sensus,

haalt die facultas het te percipieeren object

waarin de mensch vischt

is

„omne

scibile"

1.

de wereld

2.

de wereld buiten onze persoon.

in

onze persoon.

;

vandaan ?

— Antw.

Het vischwater

hetgeen twee groote sferen omvat

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's

Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 709

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's