Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 365
college-dictaat van een der studenten
§ Intusschen
zijn
tweede cognitio
deze
hoede,
347
Dei.
niet verkeerd te
Bij ons toch hebben wij eene experimenteele kennis, die wij vante-
verstaan.
voren
men op
zij
De viRTUTiBus
7.
hadden en nu verkregen. Maar zoo
niet
het
is
bij
God den Heere
niet.
zoekt en verkrijgt eene kennis van dingen, die Hij reeds wist. Indien hier
Hij
een zondig beeld geoorloofd
duizend gulden
nog
Dat
zijn.
gestolen er
zijne kast drie-
in
eens na. Den volgenden dag weer.
er in te genieten, dat er werkelijk drieduizend
Dan
gulden
maar anders een zuiver beeld van wat God doet. God zijne schepping nazien, niet om te weten of er iets want wie zou dat kunnen ? neen, maar wetende dat alles
komt telkens is
—
—
en hoe het er
is
denkt u dan een vrek, die
hier zondig,
is
Heere
de
om
Eenvoudig
eens.
is,
Hij telt dat geld
heeft.
is,
om
eenvoudig
het voor Zich te zetten en er aldus in
te genieten.
Onze Heere Jezus Christus van den onrechtvaardigen rechter.]
[Zulke zondige beelden zijn niet verboden. Cf. de gelijkenis
gebruikte ze. c.
komen thans
Wij
zelf
aan eene veel dieper onderscheiding, die oudtijds
toe
namen werd genoemd als de vorige, nl. die van de cognitio naturalis en de cognitio libera. De eerste onderscheiding tusschen cognitio e decreto of necesaria en cognitio visionis of libera vindt men in de oude dogmatieken niet. Daar heeft men vroeger zoo niet op gelet. Maar deze onderscheiding treft men er wel in aan. Zij is van veel meer gewicht. Trou-
gedeeltelijk
dezelfde
heel de leer van de omniscientia Dei
wens,
van
met
het
De
belang.
uiterste
voor het gereformeerde
is
van den wil hangt met
vrijheid
stelsel
stuk op het
dit
nauwste samen.
Wanneer men denkt aan God den Heere voor want
is,
het uit
is
bij
hier
God
een eeuwig wezen aan voor en na
dan ook
geput
zijne kennis
decreet, er bestaat zijn decreet
uit
niet reëel bedoeld,
nog
heeft. Er
niets
is
doch
te
zijn
decreet (hetgeen onzin
denken
logice),
dan
is
;
maar
de vraag, waar-
dan nog geen wereld, en
er is
nog geen
dan God. Waaruit komt nu Gode de kennis van
Qod
toe? De vraag
stellen
is
Die kennis
ligt in
Gods natuur. En daarom
Zichzelven.
ongerijmd
rijst
haar beantwoorden.
heeft die kennis
heet
zij
cognitio
naturalis. Is
nu die kennisse Gods, die
decreet
en
dus
kennis, welke
ook eer
God nu
er
uit zijn decreet
Stel, dat beide gelijk zijn,
Want dan zou
zijn
Zichzelven put, eer er nog een
heelal bestaat, gelijk
of
of ongelijk aan de
uit zijne wereld verkrijgt ?
wat volgt dan? Dat
er in
God geene
vrijheid v/ as.
decreet niet bepaald zijn door zijn welbehagen of wilskeuze,
maar met noodzakelijkheid
uit zijne
natuur
zijn
voortgevloeid.
maar van éene gelegenheid om naar de
stad ben, en ik weet stad te komen, dan
Hij louter uit
nog een
is
er
Als
ik
in
eene
naastbij gelegen
geen wilskeuze, van vrijheid kan er dan geen sprake
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's