Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 260

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 260

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Locus DE Deo (Pars Prima.)

242

Daarom

hen een klank.

Heere

Jehova

of

r^'ir^-'

het niet raadzaam,

is

in

de plaats te

stellen.

de berichten, die de Rabbijnen ons brengen,

Zijn

de naam

wel

mn""

juist,

dan schijnt

den beginne nog werd uitgesproken

in

in

het, dat

den tempel, maar

daarbuiten; dat daarna alleen de hoogepriester er toe gerechtigd was; en

niet

hem

dat ten slotte ook de hoogepriesters zelf heeft door

Zelfs in de boeken, die

wordt het gebruik hoe langer hoe zeldzamer,

Ten

rrriN

"iB'X

kende

persoonsnaam. Hij

uitnemend boven

Het

is

noemt Zichzelven.

enz.,

Baal

bijv.

de

;

een

Ik,

De

overige

het ten leste geheel verdwijnt.

alle

Want

andere namen.

Maar

er

Hier

Alle

andere

uit.

een

uitspreken

die teruggaat

die alle staat de

op het

verband

in

Juist

van

het

Ik.

leent.

dat hier spreekt, gaat, met voorbijgang

Ik,

en werking, onmiddellijk terug op het wezen, het

Godsnamen drukken

Hooger dan

een

is

op den achtergrond, alleen eene

treedt

uitsluitend

is

Het absolute

meer.

is

alle kwaliteit

het

Geen mensch noemt hier God. godennamen spreken van hoogheid, almacht

Ziedaar, wat aan dezen naam zijne geheel eenige beteekenis

van

uitblin-

is,

die hier spreekt.

persoonlijkheid

genoemd.

wordt

kwaliteit

van na de ballingschap dateeren,

tot

metterdaad een naam, die boven allen naam

is

heerlijkheid,

in

daarvoor werd

;

op de beteekenis van dezen naam.

slotte wijs ik

n^HN

zegenspreuk vervangen

zijne

in

Dat geldt natuurlijk alleen na de ballingschap

''ipH.

geregeld gebezigd.

hij

Jiieuwe Bijbeluitgaven voor

bij

speciale attributen van het

zijn,

zelf.

Eeuwige Wezen

naam, die het Eeuwige Wezen

zelf uitdrukt,

zijn.

met die gansch eenige beteekenis van dezen naam moet

nog opgemerkt worden, dat hij niet luidt 1V7\\ maar bepaaldelijk mn\ Juist het behoud van die i toont het merk der oudheid. Reeds in Mozes' dagen was

mn

ongebruikelijk en verloopen

n;nN nu^N

Die uitdrukking nu

wat het zich

noemt

natur

als

non

et

den door se

nisi

het

uitgedrukt:

in

niets

TVPi.

beteekent

tvj\h

dier voege, dat

Eeuwige Wezen

doode

uitgang,

Is

't

niet

een

het abstracte zijn,

dat als

in

van

Oranje

bijbrengen:

„Je

te

a nemine determi-

wordt door

mn""

niets buiten

zorg, zulks niet te verstaan in den zin

zijn,

in

nudum

het

mn

het begrip van esse,

een graf besloten

dat zichzelf waarborgt in eeuwige actuositeit.

twee ook maar van verre

:

wordt dus door den naam

Dit

rust in Zichzelf en

Toch drage men

zijn,

„Ik ben, die Ik ben," namelijk

wie aldus van zichzelven spreekt,

absolute zijn" der philosophen. Immers,

„het

niet in het

die

:

dan door zichzelf bepaalde

ipsum determinans.

Zich geïnfluenceerd.

van

wel

betreft; en

zijn

in

maar

is,

juist

maar

ligt

de levens-

juist

een zijn,

Met eerbied gesproken, zonder mag men toch hier het devies

vereenzelvigen,

maintiendrai."

Toegepast op God

zelf:

„Je

me

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 260

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's