Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 519

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 519

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

§ kan

''^''l?

mortüis ante parousiam

geplaagde geen zin hebben,

dezen

bij

De

3.

opvatten. Het heeft alleen beteekenis

nu

mist

en

„van

uit zijn

Daarop

de overtuiging

in

vleesch"

wijst

i.

maar zeer

den melaatsche, die vleesch en oogen

God

dat, als

^xn;

er

óf

zijne

opstaat,

met

en

kant

7

daar

deze het

en

'!'

dan

niet in

wil

het

iemand,

als

toch moeilijk als

niet

„ik zal

:

mij

die

God

vreemd

met

aan

dan

hem vreemd

verklaart

hem vreemd

zijnde

zien

is."

het enkelvoud staat en „vrienden"

op God,

zich

zeggen

weer zal.

„ani"

zien", reëel dus.

en

in

mij staande,

bij

Dit laatste

meervoud

is

is

moeten

dan

onder worden verstaan „zijne tegenstanders, zijne vrienden"; óf

er

hij

oogen God zien

oogen zullen hem

tegenstelling

in

hem

over

geen sprake van een geestelijk

is

plastisch, „mijne

kan genomen

dit

bij

het spirituaUstisch

als wij

met vleesch bekleed en met

ook het meervoud

zien, spiritualiter,

"iPN'h

d.

leeft,

43

verband

aan mijn

waarschijnlijk,

en bovendien, wijl

kunnen worden beschouwd.

tegelijk

dat

zal

houden,

maar hem verschijnen

^'?

Slaat

en wil dus zeggen, dat

het

zal als

God een

bekende ten gunste van hem. „Mijne nieren verlangen zeer

van heimwee

in

mijnen schoot"

:

hij

vergaat van verlangen,

naar dat oogerblik.

plaats is alzoo van groot gewicht om de vingerwijzing, die zij ons aangaande de Oud-Testamentische openbaring over de Eschatologie, en

Deze geeft

ook voor de Openbaring zelf als zoodanig. Er is namelijk eene mechanische opvatting van de Openbaring, die het voorstelt, alsof een mensch zoo maar een boodschap van God ontving, zonder te rekenen met de omstandigheden, waaronder de mensch ze ontvangt. Dat zou

is in

ook eene organische beschouwing, die op de geboorte hoe de Openbaring als het ware geboord er lijden over hem is gebracht, hoe dus hoe den mensch, wezen van het

eerst

den mensch de gesteldheid

niet veel zijn.

der

Maar

Openbaring

is

wijst en aantoont,

is

ingeschapen, die

hem

rijp

en ontvankelijk

maakte voor de Openbaring. Het geloof aan de onsterfelijkheid, aan de wederopstanding des vleesches, dat wij in deze merkwaardige plaats uit het boek Job vinden, wordt hier uitgeperst uit het diepste lijden en de grootsteellende, uit het hart van den man, die geworden is als een lijk. In Cap. 20 zien we, dat Zofar in zijne repliek Jobs betuiging zonder

dwaasheden zou gezegd hebben, aanneemt. is, maar zegt alleen, dat dit voor een godzaligen geldt en niet voor een zondaar als Job is. Job moet dus zelf maar toezien, of hij er deel aan heeft. De Openbaring, aan Job geschonken, maakte alzoo op den kring zijner vrienden geen vreemde indrukken; ook daar was

eenige Hij

verwondering,

vindt

er

alsof

niets in, dat

Job

hem vreemd

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's

Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 519

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's