Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 912
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Tertia.)
222
dan
zei
men
denkbeelden
:
wanneer
Die
onbedriegelijk
is.
onderworpen was.
Is
mij
alle
ik
in
de H.
S, voorstellingen vind, die
ingaan, dan verwerp ik de H. S.
dingen die
in
maatstaf
omdat de
zou doorgaan
als
dat dus waar, dan hebben de
strijd
daarmee
zijn,
Souvereiniteit.
maar
altijd
voor onze altijd
de
God
determinans. existentie,
dingen
is
dan geen God meer.
De zedewet
maar nooit
zuiver
is
uitspreken.
zedelijke maatstaf in
ook God aan
modernen
gelijk
die lex
en moeten
verworpen.
Die grondfout dat er eene lex aeterna boven God,
Gods
tegen mijne
is
ons door
Hij zelf er
Een
is,
is
de vernietiging van
God nooit determinatus, God gegeven voor ons en is
aan onderworpen.
besluit
zooals
het
in
Wij moeten het decreet
genomen is, zouden wij als menschen niet mogen maken handelen met onze medemenschen als God deed met de Kanaanieten, zouden wij niet mogen doen, omdat wij onder eene wet staan en wij daaraan moeten gehoorzamen. Zegt God echter: „verdelg de Kanaanieten", dan komt daarvoor in de plaats ;
de
rechtstreeksche
het dit niet deed.
openbaring van Zijn
wil,
en zou Israël schuldig staan als
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's