Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 259
college-dictaat van een der studenten
§
De NOMiNiBus
6.
241
Dei.
Nu is, en dat breng ik in verband met wat ik omtrent liet nomen mysticum gezegd heb, de naam mn"" altoos tot op zekere hoogte een nomen mysticum gebleven. Door heel de geschiedenis van Israël loopt een trek, die aanduidt, dat mn"" niet de gemeenzame naam is, om den Heere te noemen. Altoos is De Rabbijnen er een mystiek bijmengsel aan gegeven, vooral in latere tijden. noemen dezen naam dan ook de
men dezen naam
achtte
Daarbij
verbergen".
te
men onder de
dat
uitmaakt,
niets
heeft
een
maar versterkt om den
evenwel weer van
Het
op
bij
niet, als
24
Lev.
:
nr,
^?ptr
„om
het schrijven dezen regel gevolgd,
een
sjwa simplex
compositum
niets
is
16
wat
dit
natuurlijk
een sjwa simplex, 7V\tv
en
^^'iN
bijeen
Dit laatste geschiedt
D\i1>N.
elkander hooren; dan behoudt mn"» de punc-
bij :
werd,
dan
Waren
van den gutteraal.
ze niet
^:iN; cf. bijv. Ps.
verbod
echter las:b^l7^
15,
:
de vocalisatie van ^JiN bezigde, alleen met
sjwa wille
men
dan gebruikte men de punctuatie van
gevoegd,
tuatie
men dan
radicalen
wijl
beriep zich daartoe op Exod. 3
hetgeen
""pp'T^i,
sjwa compositum
de
dat
verschil,
Men
y.ppriTov.
waar gelezen wordt: ü)vb
üp, den wezensnaam. Reeds zeer vroeg
n^T^
2.
om
dien
16.
Wij vinden daar het bekende verhaal van den zoon eener
naam des Heeren
uit te
spreken, werd later gegrond
vrouw en van een Egyptischen man, die den NAAM lasterde. (In de Statenoverzetting worden daarbij kapitale letters gebruikt.) Daaruit heeft men, ofschoon geheel ten onrechte, afgeleid, dat hij den naam tv\TV had uitgesproken. Dientengevolge is het uitspreken van dien naam in Israël verdwenen. Israëlitische
En men
voor
las er
in
de plaats
"':"'N
en
D'ri^N.
Dat reeds kort na de ballingschap het gebruik van den naam
had
opgehouden,
vervangen door
En nu
er
is
Bijbelvertaling
meerden geldt
c
kan
ons
blijken
uit
de
Septuagint.
van
mn"-
de
moeten te dien
komt
overal
zetten
strijd
over gevoerd, of wij
in
de
„Jehova" of „Heere". Onder de goede gerefor-
aanzien de opinie, dat wij „Heere" moeten behouden.
hun
citaat voor,
ofschoon
op
Oude Testament
dan lezen wij altoos
citeeren, en
i y.-!^pi:c.
zichzelve geen autoriteit,
is
De
de
vertaling
toch door den
zijne apostelen gesanctioneerd.
Metterdaad
ligt
er in
den naam
mn^ ook zulk eene
onuitputtelijke diepte,
naam wel hoogst ernstig en eerbiedig mogen Bovendien, ons volk verstaat het woord „Heere", maar „Jehova" is voor
dat wij zijn.
in
Septuagint,
Heere en
feitelijk
hem
KÓpioc.
onder ons. Protestanten, wel
Als de Heere Jezus en zijne apostelen uit het
naam
Tr\rv
Die heeft
bij
het bezigen van dien
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's