Dictaten dogmatiek. Locus de Salute, Ecclesia, Sacramentis - pagina 268
college-dictaat van een der studenten, niet in den handel
;
Locus öE Ecclesia.
8S
nooit de fides, de spes en de charitas hebben beoefend, dan hebben ze toch als
menibra van het Lichaam van Christus de inhaerente hebben.
te hopen, lief te
Unifas
Ie
We
fidei.
bedoelen hier niet de fides quae creditur, (objectief, de belijdenis) maar
Om
de fides qua creditur (subjectief, de uiting van den geest). uit
drukken,
te
membra aan tot
Die gemeenschap wordt
het Hoofd.
werking komt
was inhaerent
denzelfden
het menschelijk lichaam
bij
door de zenuwtakkingen, en deze zelfde gemeenschaps-
de ecclesia
in
het somatisch
deze fides niets anders dan hei adhaesievermogen van de
is
gebracht
stand
geloof in
om te gelooven,
qualiteit
in
tot stand
door het geloof. Stel eens, dat er geen
de kerk, dan waren er membra en een Caput, maar
toestand
als
iemand,
bij
een
die
verlamden
arm
voet
of
heeft.
Nu beweegt
de
zich
fides
moeten
Steeds
bewustzijn.
op het gebied van het zijn, maar van het wezen onderscheid maken
niet
we
het menschelijk
bij
tusschen het esse en het conscium esse.
De mensch
is
naar
Gods beeld gescha-
we bij De geheele werking van het geloof nu ligt, zooals we zeiden, op het gebied van het bewustzijn. Nu kan er bij ons lichaam wel een onbewuste werking plaats hebben op ons hoofd, bv. wanneer we lijden aan pen.
God
Bij
mensch
den
hoofdpijn
;
een esse en een conscium esse, en ditzelfde vinden
is
terug.
en evenzeer kunnen er onbewuste werkingen uitgaan naar Christus
en van Christus uitgaan naar ons, maar
het
bewustzijn
kan
zijn.
nog
ligt
omdat we te
dan
dat
neemt fides
dit
Deze
kan
al
fides is
al
streng let-
dus het in
in-
bewuste
over
uitsluitend
tot
de essentie.
geloof
de
fides
quae creditur geaccepteerd
laat slaan
op de uitgedrukte geloofs-
ook wel van de
want deze behoort
alle
we
Hoofd Christus
het
ook
ons,
in
reeds aanwezig ook
bekeering. Hierop moeten
dan maar nooit
worden genomen de
waar,
de
membrum om met
unitas fidei
worden, mits men
we
klinkt,
geraken.
Nu kan deze
handelen
in
is
iiandelen over de unitas essentialis.
haerente vermogen van elk
belijdenis,
ook
dit
spreken en heeft dus een sprakeloos spraak-
niet
komen. Het geloofsvermogen
niet tot uiting
gemeenschap
hoe vreemd
vermogen van het bewustzijn reeds
het
brak het geloof nog niet door ten,
geen geloofswerkingen.
dat,
onbewust kan wezen, evenals het spraakvermogen sprakeloos
Een kind kan nog
vermogen. Zoo het
dit zijn
de tweede plaats herinneren wij er aan,
In
de uitwendige openbaring der kerk, en hier Als inhoud van de fides quae creditur moet
Ki^xkh,,
zich richt fides
qua creditur hoofdzaak.
quae
Christus, en in dien zin
op Christus creditur,
als object.
maar
bij
ons
is
het
volkomen
De Roomsche is
zij
kerk
bijzaak, en de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's