Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 402
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE FOEÜERE.
8
kennen het verbond
men
herliaaideliji<
toen
door Coccejus
in zijn foederaal-theologie
schoof.
een
Coccejus
't
tot
ontwikkeling
is
gekomen,
begrip van het verbond op den voorgrond
doen bedoelen hiermee echter
die dat
Zij
dat het voor Coccejus
niet,
deel van de belijdenis der waarheid
integreerend
Vandaar dat
mee.
er niet
geschriften van niet-Gereformeerde zijde de voorstelling
vindt, alsof die verbondsleer eerst hij
Ze reitenen
dien zin niet.
in
in
is
geworden, maar dat
deze foederaal-theologie een niet onaardigen vorm heeft gebezigd,
in
om
de verhouding tusschen
van
verbond
God
en den mensch voor
Dat begrip
te stellen.
zoo meent men dan, destijds goeden dienst gedaan, maar
heeft,
tegenwoordig kan men het zonder schade overboord werpen, nu men geleerd heeft in philosophische terminologie te spreken wan
wat men dan nog veel
Toen dan ook
kwam
hier te lande
de verbondsgedachte
als
gemeenschap
;
in
de Gereformeerde theologie was uitgestorven, 't
geheel niet meer voor als noodzakelijk begrip
verstand van onze verhouding tot God.
tot recht
Er
woorden
juister acht.
moet daarom op gewezen,
verbond spreken,
maar
dit
niet
dat,
een leer
wanneer wij, Gereformeerden, van het is, maar iets reëels, een der dogmata,
een onmisbaar stuk, een wezenlijk bestanddeel der waarheid.
Dat
hebben gegrepen
te
een van de groote verdiensten der Gereformeerde
is
(Men kan veilig zeggen, dat wat er uitnemends in Schleiermachers Glaubenslehre gevonden wordt, door hem is overgenomen niet uit de Luthersche, maar uit de Gereformeerde theologie). Wil dat nu zeggen, dat terstond de
theologie.
van het verbond
volle
beteekenis
heeft
de verbondsleer
Wel zag hij 't
Formeel
niet gevoeld.
wel
bij
ons
uit
vluchtelingenkerk
afkomstig
is
maar de
meer dan
de Gereformeerden terstond punt van uitgang
Doopsformulier,
dat
deels
is
:
Straatsburg,
uit
Londen onder a Lasco, deels
te
Zelfs Calvijn
volle beteekenis ervan heeft
het Bullinger geweest, die,
en waarbij de reëele basis
is,
Volstrekt niet.
haar volle recht laten komen.
Calvijn,
op
waarheid nadruk heeft gelegd.
als stuk der
Dat het verbond blijkt
ingezien?
het verbond aan als reëel,
hij
verbond
is
in zijn Institutie niet tot
uit
„Overmits
is
geweest,
deels uit de
den kring van Datheen alle
in
verbonden twee
deelen begrepen zijn". Ieder erkent, dat de
mensch
in
zekere verhouding tot
zekere verhouding tot den mensch.
onder
God
allerlei is
zijn Zijn
vorm
onze
in
staat en
God
in
de Heilige Schrift
uitgedrukt.
Heere en wij
kinderen.
God
Die verhouding wordt
zijn Zijn
knechten.
God
Die verhouding kan dus opgevat
als
is
onze Vader en wij
verhouding van
liefde,
aanbidding, vreeze, enz.
Nu
heeft
men
heel
goed gevoeld, dat
't
niet
om
die verhouding in
't
alge-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's