Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 982
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Christo (Pars Tertia).
166
kunnen)
eigenlijk de letterlijke vertaling
is
meer het
is
God van
B'/cTfAcvc v^'as
Dat God gever,
Jac. 4
iets
Die
is,
sluit
12 coU. Jes. 33
:
identieke begrippen,
over
de schepping;
af
,uóu:c ^•yjy.TTTtC
l
Cf.
^y^7.TTr,c {vanSCyy.,u7.<).
aan den koning
S-jyy.c-rr,^
dat Hij
in,
want
22,
:
over
y^ouo-^irr,^
zeggen heeft; daarom
te
vofj.o'^irrirric
Bx^r/.-z^c
God van eeuwigheid
is
ook
alleen
en
vsfx,o^iTr,c
is
vfasS-ir/ju-,
i
men
af.
wet-
twee
zijn
d-j-Arrr-ric
zeggen, dat
iets te zijn, wil
absoluut
dat het eigen attribuut van den koning.
is
te onttrekken is vernietiging
Daarom hebben onze vaderen
reiniteit.
van
relatieve begrip ten opzichte van het volk; ^j-Ac-rrc het absolute.
van
souve-
zijn
zoo nadruk op gelegd, dat het jus
er
ferendae in de Kerk alleen aan Christus Jezus zou worden toegekend en niet aan concilies of synoden, die alleen reglementen kunnen maken. legis
Daaruit, dat
voor de
is
voor
als
wordt
God
^ivoc
o
zichtbare
van de
rijk
't
en
stof (cf. Ps.
God de Heere
omdat
naar anderer wenschen.
zoo
het
Er
heeft
tusschen
Strijd
Hij
is
eenheid
de bepaling zijner absoluutheid
afgoden, is
cf.
zoo
vs.
4
;
die maaksel van
Waar
dat Hij wetgever rijk
't
des geestes
Voorts
Hem
in
belang van de
is
dat begrip van
constitutioneel
niet
volk zelf geschapen heeft
zijn
zijn 't
i/c,a53-'ry;^
behoeft te richten
wetgeving geheel
vrij
liet.
volk kan er dus niet bestaan.
van scheppen en van wetgeven.
actie
Gods
Schrift dat absolute van de vrijmacht
zoo kras mogelijk uitspreekt
115
Ps.
cf.
Die
3.
:
in
sterk mogelijk gesteld tegenover de beperktheid van
van elk doel buiten
los
vsjnoB-irYjc is volgt,
119 waar van de wetten Gods gesproken
het 't
tusschen
wetten
wordt
aardsche
't
dg
een Koning, die
wetgeving en
Vandaar ook, dat de Heilige
al
o
zich
dat
ingericht,
zijn
Hem
bij
is
en
beiderlei zin; zie vs. 85 en vs. 91).
in
absoluut,
en
'8iivy.<TTr\q
onzichtbare wereld, zoowel voor
de Almacht Gods tegenover de afhankelijkheid der menschenhanden zijn. 't Zelfde in Spr. 16 4 God :
zich.
in dezen paragraaf handelen over het koningschap van Christus, zoo sterk mogelijk op den voorgrond, dat er slechts één werkelijk koningschap is van Vader, Zoon en Heiligen Geest.
wij
dus
staat
God
II.
de Heere heeft in zijn Schepping heerschappij op hef eene schepsel
gelegd over het andere. Dit
in
ligt
momenten nisme,
en
dan
is
het
van
begrip
elementen het
een
atomenmassa,
het
organisch
organisme.
gelijk
aggregaat.
Nu
maar over een
rijk
een
begrip;
involveert,
Wanneer
alle
elkander,
dan
aan
zijn
dat
is
bestanddeelen er
is
geen
alle
orga-
God de Heere geen koning over
en dat denkbeeld van
tusschen
de
rijk
involveert
verschillende
bestanddeelen van de Schepping onderscheid bestaat en wel een zoodanig onderscheid,
heid
dat
des
er
een
anderen.
betrekking In
ons
is
er
van heerschappij des eenen en afhankelijk-
menschelijk
lichaam
is
't
hoofd
de
baas,
want
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's