Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 94
college-dictaat van een der studenten
Locus deIDeo (Pars Prima).
76
Zoo
neemt.
zijn intrek
theologia stadii de theologie, die de mensch in zijn
is
aardsche leven verkrijgt.
Daartegenover staat de
b.
leven, die het deel is
de
theologia
dezelfde,
stadii
maar
in
h e o
1
o gi a
van de gezaligden ligt
niet
in
v
i
het
s
i
o n
middellijk
Hier op aarde
gegund
mediis
niet
is
tot
Maar
beide
bij
zonder
in
de visio
is
aan de
bewustzijn, natuurlijk
waarmede
gelijk
de
Trpba-hyTrov.
alleen het deel van Christus.
onderscheiden worden tusschen den tweeden Persoon
hier
is
hoc stadio die
eene onmiddelijke kennisse door aanschouwing,
maakt eene exceptie op heel het menschelijk geslacht.
is
die in
eene cognitio quae acquiritur per media, maar cognitio sine
interpositis,
menschelijk
Het verschil met
stand komt, en in statu visionis
De theologia unionis was
eerste
want
de theologia acquisita een oogst, die pas gewon-
apostel het uitdrukt Trpóa-wrov Trphq c.
licht.
insita,
nen wordt na den arbeid van ploegen en zaaien. beati
de Godskennis na dit
s,
eeuwige
de cognitio Dei
in
i
de theologia acquisita, en dat wel zoo, dat
theologia acquisito
middelen.
t
Hij hier
geen sprake
;
is
bij
Hem
de Drieëenheid en het heeft.
Van
het
Christus' Godskennisse een-
De
voudig Goddelijk zelfbewustzijn, cognitio archetypa. uitsluitend op die theologia, die als kennisse
Christus
Natuurlijk moet in
op aarde gedacht
daarbij
De
Gods
in
theologia unionis doelt
het menschelijk bewust-
was de menschelijke Dus was ook het menschelijk bewustzijn in Jezus een geschapen bewustzijn. Hoe drong nu in dat geschapen menschelijk bewustzijn van Jezus de kennisse Gods in ? Jezus heeft niet eene menschelijke persoon aangenomen, maar de menschelijke natuur, en Het is die vereenigd in eenigheid des persoons met de Goddelijke natuur. zijn
van Jezus aanwezig was.
natuur
in
Jezus zoowel als
in
Uit den aard van de zaak
ons eene geschapene.
krachtens die unio, dat de kennisse
kwam.
De grond
den Christus,
in
stand
het ik van
ik is de tweede Persoon in de Drieëenheid, maar tweede Persoon was en dus nu krachtens zijn God-zijn
de kennisse Gods meedeelde aan cognitio
in zijn menschelijk bewustzijn tot
want dat
daarin, dat Hijzelf de
de
Gods
en de radix van die theologia unionis lag niet
unionis
en
is
zijn
menschelijk bewustzijn.
Daarom
heet
zij
ze eene geheel op zichzelf staande kennisse Gods,
een unicum, dat daarom dan ook een absoluut karakter draagt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's