Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 361

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 361

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

§

De viRTUTiBus

7.

zal Ik ze

op de hoogte van Karmel, zoo verborgen

zij

zich van voor mijne oogen

van daar eene slang gebieden, die

naspeuren en van daar halen; en in

den grond van de

zoo

zee,

al

zal ik

zal ze bijten."

Nieuwe Testament geeft Hebr. 4 : 13 : geen schepsel onzichtbaar voor Hem, maar alle dingen zijn naakt en

De meest „Er

343

Dei.

is

uitspraak

krasse

het

uit

geopend voor de oogen desgenen, met welken wij te doen hebben." Deze organen worden aan God wel overdrachtelijk toegeschreven, maar Hij Wij zijn geen pneumatische wezens heeft ze niet, Hij is een geestelijk wezen. hebben

mitsdien

en

wij wèl organen.

maar wel, dat

zoodanig niets gebrekkigs,

En

organen.

wij

wij

Maar

ze altoos hebben.

zullen

ze

als

Heere Jezus Christus

onze

ook

Immers,

hebben.

Dat wij organen hebben,

onderscheid tusschen zijne hoorende, ziende, doende behoeve

die onderscheiding

is

Wat nu van

het

Gods oog

treedt

Eigenlijk

aan

Hem

noodig

geleiddraden

heeft, in

echter als

is

nu

in

den hemel,

God den Heere

etc. actie.

Alleen

is

te

geen

onzen

toegeschreven.

van het oor passief. Intusschen de Schrift veel sterker op den voorgrond dan Gods oor.

oog in

wordt van

actief geldt, dat geldt

dit

wanneer Gods kind zijn hoogst zelden. Dat maar nog wel voor, passieve waarnemen aanduidt. En Gods

alleen

laatste

gesproken,

Overigens komt het komt juist, doordat het „oor" het waarnemen is natuurlijk altoos actief. Hij is actus purissimus. En waarom blijken, als het „oor" dan juist wel bij het gebed ter sprake komt, zal straks

gebed opzendt.

hebben tusschen Gods scientia necessaria en scientia libera. De Schrift geeft ons nog meer. Niet alleen toch wordt de alwetendheid Gods aangeduid door vergelijking met ons oog en oor, maar tevens laat de ons gevoelen, dat deze kennisse van Gods zijde veel intensiever [is, dan

wij onderscheiden

Schrift

de wetenschap, die wij met onze organen verkrijgen.

Gods drukt de

Schrift uit

door het

werkwoord

het innerlijk doorzoeken van het verborgene. Ps.

11:4

lezen wij

menschenkinderen.

:

QiH

':3 i:ni^.

Ons oog kan

Die doordringende kennisse

|nn (ook wel door ipn), d.

Cf. Ps.

11

:

4; Jer. 17

:

10.

i.

In

vaysi? irm vyv, Gods oogleden proeven de

door enkel

niet proeven,

te zien

;

wij

moeten

nog eens nazien; eene enkele maal alleen dringt een aesthetisch geoefend oog in de dingen in en smaakt ze aanstonds. Maar bij God den Heere is het 17:10: enkele kennisnemen van de dingen voldoende om ze te proeven. Jer. nv^3 ]n2 n^ npn np] Hier

is

orgaan;

geen

sprake

„proeven"

Bijbelsche

is

somatologie

hoofd, daar

is

Deze

^:n.

de deur

van

ook

plaats

nieren eten; er wordt niet gedoeld op het smaakhier indringen

verdeelt in,

wordt door de voorgaande verklaard.

dat

is

's

met het oog

menschen

het buitenste

lichaam ;

tot het binnenste. in

De

een voorkamer, het

dan een woonkamer, het hart;

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 361

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's