Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 596
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Altera).
162
etc,
maatschappij
en
kerk
dan
niets
is
en
;
wat men thans weer poogt,
ondermijnen
het
van
het
kringen
zekere
in
heidensche
philosophie
van vooruit
te
Vragen Heilige zijn,
Wat
hem
de oude
wordt,
:
hoofdmoment dat
het
Dat hoofdmoment
ligt
Historische
telkens in het
te lezen, in
van het begin
de Heilige Schrift
alleen in het reëel verschijnen van
Evangeliën,
Psalmen en
losgelaten
opleeft en de maatschappij terugzinkt in plaats
den geheelen Bijbel door
toch
wie nu de
hoofdmoment
zien dan ook, dat,
Hoe zullen we dat alles wat hier besproken werd uit de waar maken ? dan moet geantwoord, dat het dan noodig zou
Schrift
is
weer
dat
We
gaan.
we nu
eigenlijk
het Christendom
Christendom en het vernietigen
van de kracht die heel dien omkeer tot stand bracht. naarmate
om
dat middenpunt, en het over te brengen op „edele gevoelens"
maken van
los te
oog
de Openbaring,
de
Acta,
is
God
beheerscht?
in Christus,
en
Brieven, de Profeten,
de
Boeken lezen kan zonder dat springt,
tot het einde.
alles
dit
machtige moment
geestelijk blind.
[Die uitspraak is niet te kras. Letten we slechts op de periode, die voor ongeveer 40 jaren het toenmalige Modernisme onder Prof. Scholten heeft doorgemaakt. Wat was het stadium waarin toen het Modernisme was ? Dit, dat men aan de Heilige Schrift vasthield, en zeide Onze beweringen moeten uit de Schrift bewezen worden; en dat men toen de Heilige Schrift valsch ging exegetiseeren :
om zijne stellingen waar te maken. Men gaf zich de moeite, om al
de uitspraken der Heilige Schrift, waar de Godheid van Christus werd geleerd, opzettelijk weg te exegetiseeren. Scholten was in die periode nog zeer conservatief hij verdedigde nog de wonderen, alhoewel hij ze naturalistisch verklaarde, en bepleitte nog de ;
realiteit
Johannes,
van
Christus'
opstanding en
de
echtheid
van
het
van
Evangelie
maar nu werd door de valsche exegese eene onware voorstelling
geschapen. Prof. Scholten
had veel historischen
zin,
hij
kende veel
beter
dan
van
de Gereformeerde theologie, en had de rijkste bibliotheek van Gereformeerde theologie in ons land; hij gebruikte die werken, terwijl men te Utrecht slechts een enkelen perkamenten band als een rara avis in de biblio-
Oosterzee
c.s.
theken der hoogleeraren vond. Dit
nu
maakte, dat Scholten zoo machtig was
in zijne
de zaak, de anderen daarentegen niet. Op grond van zijne studie der Gereformeerde theologie
polemiek,
kwam
hij
hij
tot
kende deze
twee hoofdmomenten: 10. de Souvereiniteit Gods in het genadewerk, waarbij de verkiezing op den voorgrond trad, en 2^. het formeele beginsel de autoriteit der Heilige Schrift.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's