Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 299
college-dictaat van een der studenten
§
De gevolgen
5,
Primaire verschijnselen
der zonde.
zoodanige, waarbij
zijn
49
A. In Genere.
krachten
alle
in
nog
het lichaam
reageeren tegen den indringer, die het lichaam ziek wil maken; secundaire daar-
kwaad
entegen, wanneer het
zich weet staande te houden, zich nestelt in het
lichaam en de overige elementen daarnaar zich schikken.
Zoo
is
ook met de zonde;eene vergelijking waartoe de
het
Schrift zelf aanlei-
ding geeft, door van de zonde steeds als eene ziekte, een melaatschheid
Wat
gebeurt nu
bij
van drinken verkeert, dan drinkt
gezonde krachten van
Wanneer iemand nog
de zonde?
zijn
te
spreken.
den primairen staat
Maar nu reageeren de
en wordt dronken.
hij
lichaam tegen dat alcoho!-gift,
in
hij
gevoelt den volgenden
dag nog de nadeelige invloeden er van maar daarna is hij weer vroolijk en Gaat hij evenwel tot den secundairen staat over, dan komt het delirium tremens, dus een toestand waarin ook zijn vroeger gezonde krachten meewerken ;
frisch.
tot
en
verderf
zijn
hij
opnieuw drinkt om dat delirium
altijd
tot
zwijgen
te
brengen.
Dat nu
het beeld der zonde.
is
Was de
uit zijn vifxoq uit.
Doet een mensch een zonde, dan raakt het wezen
zonde een op zich
zelf
staand
feit,
aangreep, dan zou de mensch, na gezondigd te hebben, door
kunnen had op
te
de H.
na den appel gegeten
S.
Zit
hebben het
wezen verdraaid
kan
is
De eene zonde
er niet
weer
nu de oorzaak van
de zondaar:
De oorzaak
ik wil ligt
in
altijd
zonde komt.
't
wederzondigen
Maar wat
de machinerie in staat
in
om
uit
leert
de war, in
den
den
yofioc
den wil
?
Neen, want dikwijls zegt
is
gevangen onder de zonde.
in
de macula; dus de zonde doet
maar
in
minus
Het breken met den
vofxog
w.
ook de wil
;
in
en dat de macula
elke zonde
vófioc is
is
iets in
ons belet den is
ons wezen ontstaan, dat
vi,a;c te
volgen.
De zonde
oorzaak, dat er altoos nieuwe
dus absoluut en doorgaande.
Het onderscheid tusschen peccatum en macula
met den
a.
in.
niet en doet het toch;
interest,
M.
wil.
Wie eenmaal
baart de andere.
afgescheiden van en tegen onzen wil draagt
is,
en dus ook de wil niet meer
gaan.
van de zonde
macht gehad, met zondigen
in zijn
Dat waar eenmaal de zonde geschied
ons?
vófzog in te is,
te
houden, dan was er geen macula maar alleen peccatum.
het geheele
uit
Wij komen hier dus op de quaestie van den vrijen
aflaten.
Adam
dat den persoon niet zijn wil
is
dus, dat de zonde
het effect van die breuke,
is
waardoor
breuke in
den
mensch iets ontstaat, wat hem belet weder in dien yófxc^ in te gaan. De zonde noch de macula zijn dus eene substantie; wel vergelijkt de Heilige Schrift beide
bij
een etterbuil enz. maar dat moet symbolisch opgevat, mits zoo,
dat het een analogie
Symbolisch
men nu bokken.
te
zegt
blijft.
men van twee
zamen brengt
dingen,
(a-jf^/SxX/.a)
b.v.
die niet bij elkaar hooren en die
van Jezus' bloed en het bloed der
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's