Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 325

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 325

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

§ het

De virtutibus

7.

hetzij gevleugeld, hetzij

ons

niet

van

een

meer van de tegenwoordigheid Gods dan een stuk graniet, de zang niet meer dan het kletteren van het water? Natuurlijk wel.

vogel

Maar de

detailleering dezer dingen

beenderen

Al

het skelet.

in

hooger en

dezelfde

is

Het

soort.

is

in

tot

de aanwijzing van de ligging der

een worm, daarom

het toch adessentia

blijft

geen ander genus adessentiae, dat optreedt. de orde der bewuste schepselen.

bij

komt de

creaturen

van de dogmatiek, maar van

taak, niet

zeer zeker de adessentia Dei in een leeuw of

is

dan

rijker

hoogere soort komt eerst

bewuste

de hoogere dieren,

ongevleugeld ? Zegt de majesteit van een leeuwenkop

de prediking. De dogmatiek bepaalt zich

van

307

betreft, dezelfde is als in stellis, in fioribus of in

zijn

adelaar

Der.

de revelatie

en

inhabitatio

Die

Alleen aan de

welke saam

toe,

gecoördineerd staan tegenover de adessentia.

De hoogere

kan

adessentia

het

in

bewuste schepsel aanwezig

zijn

in

het

leven en niet in het bewustzijn (inhabitatio) en omgekeerd (revelatio). Bijvoor-

de Dooper heeft als embryo

beeld Johannes aangaat,

moeders buik, wat het leven

in

door de adessentie des Heiligen Geestes, maar toch

wel inhabitatio

nog geen bewustzijn en dus geen

maar daarachter school geen

En omgekeerd kende Saul de

revelatio.

openbaring des Heeren heel goed; er was

zijn

in

inhabitatio, geen

bewustzijn we/ reve/af/o Dei

gemeenschap van

zijn

;

leven met

het leven Gods.

De inhabitatio. De ouden drukten

2.

het

zeggen de

:

canis

kracht

zijne

geen

licht

mogelijkheid,

est,

affiniteit,

Deo

in

in

door

uit,

caecus perfusus luce

luce-,

en

ze

een

est,

te

zeggen

het licht

geen

is

:

Caecus

vlak

bij,

gemeenschap.

non cum Deo

;

God

ambulat, non cum

in luce

maar

Welnu,

er

is

tusschen

hem

zoo kan men ook

almachtig. Hijzelf,

wel met

is

hond, een steen etc, maar die redelooze wezens missen

om

met

het

hoogere

Communicatio cum Deo quod ad vitam

leven is

Gods gemeenschap

alleen mogelijk bij

te

hebben.

mensch en

engel.

Omdat die op de inhabitatio Dei aangelegd zijn. Nu is er bij den mensch, niet bij den engel, verschil tusschen id, quod potentia, en id, quod actu est. In een nog niet geboren kindeke potentia inest

om

te

spreken

etc,

attamen nonnisi

potentia;

eerst

als

het

kind geboren

komt de mogelijkheid van actus, in een kreet, in het zien van het licht, in het opvangen van geluiden enz. Zoo ook is er in een embryo wel het vermogen om met het Eeuwige Wezen gemeenschap te hebben, doch alleen wordt,

potentia, niet actu.

Beide

bij

mensch en

bij

God de maar ook

engel bestaat de inhabitatio Dei hierin, dat

Heere zijne omnipraesentia niet alleen openbaart wat het

zijn betreft,

quod ad vitam. 20

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 325

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's