Dictaten dogmatiek. Locus de Magistratu, Consummatione Saeculi - pagina 34
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE MAGISTRATU. erlangen, die hun een blijvend bestaan verzekerde.
Of ze onder een heiden-
sche overheid stonden w^as hun onverschillig; met de quaestie van huv^elijkssluiting
lieten
zij
welke wijze
op
evenwel
er
bij
niet
althans voor zoover de formaliteiten aangaat
in,
met de overheid
Na eene
over nagedacht. staat veroverd
zich niet zij
in
contact stonden, er werd niet verder
worsteling van drie
eeuwen was de
den overgang van Constantijn
tot
aan den staat naar andere principia
eenvoudig de bestaande inrichting over,
terwijl
men
den
positie in
Christendom.
Men
in te richten,
maar nam
't
dacht
slechts dit eene verlangde,
dat de plaats, die de paganistische religievormen in de staatsinrichting hadden
ingenomen, zou vervangen worden door de Christelijke
de Christelijke
ook
het
in
religie.
De gedachte,
ook op de rechtsvormen en inrichting van den
kwam
moest hebben,
invloed
dan
religie
hem
niet bij
Byzantijnsche
op.
Na
Constantijn verkrijgt
dit verschijnsel,
rijk
men
dat
staat
dat
staat zelf
men
voor een
gansch Heidensche staatsinrichting, geheel volgens Heidensche principia ingewaarbij
gericht,
aan
de
Christelijke
religie
verzocht wordt plaats te nemen
een Heidenschen tempel.
in
De
cardinale fout der Christenen
de statuten der regeering worden
In
is
dan ook, dat ze
De Heidensche ontwikkeling ging nu
hebben.
allerlei
dit
aanbod aanvaard
voort in Christelijke vormen.
dingen over de Christelijke
religie
De rechtsstudie lieten de Christenen aan haar eigen ontwikkeling Wel waren er ook wel Christenen onder de juristen en staatslieden,
opgenomen. over.
maar
dien zin, dat ze Heidensch met het hoofd en Christelijk met de be-
in
van
lijdenis
het
hart
Het werkte
waren.
naast het deeg gelegd.
De w^arme
De zuurdeesem werd
niet door.
vertolkers van de Christelijke religie, de
kerkvaders, lieten dit alles aan de jurisconsulti over.
Daarop volgt een aandrang van
De
zouden worden verwijderd.
om
Christelijke zijde
om
van den keizer gedaan
dat de overblijfselen van het paganisme, vooral ten platten lande,
krijgen,
te
hulp van den staatsarm wordt dus ingeroepen
aan de Christenen de eenige positie
te verzekeren.
Vanzelf sprak het toen, dat er haeresieën en schismata
zoo
om
als consequentie, dat
de sterke arm van den staat
de macht van haeresieën en schismata
keizer en ministers de noodzakelijkheid
kunnen
uitroeien,
Zoolang
de
wanneer
kerk
in
leverde dit geen moeielijkheid op.
toen keling
het
in
half
den Ariaanschen
om
half
kwam
en even-
te
weten, wat hae-
haeresie en schisma
zelve niet wist, wat waarheid was.
zij
Christelijke
opkwamen
hulp werd geroepen
Dit laatste bracht voor
om
Hoe zou de overheid
welke de ware kerk was.
resie en
te breken.
met zich mee
te
strijd
te
haar geheel
Men en
staan,
tamelijk
eenstemmig stond,
hield zich aan de groote massa. in
Maar
de geheele Christologische ontwik-
kon men op een algemeenen maatstaf
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 804 Pagina's