Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 821
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel
§
VI.
Introductio.
1.
131
getuigenis geeft en hoe deze drie onafscheidelijk
bij
elkander hooren
altoos zóó echter, dat deze redenen nooit in eenig opzicht het funda-
ment voor de fundament de
en
belijdenis
en
is
bedoelde
van deze leerstukken worden kunnen
uitsluitend het
blijft
strekken
rationes
geopenbaarde
in
;
dat
de Heilige Schrift,
nooit tot iets anders, dan
om
de
overeenstemming tusschen deze stukken en het overig deel van onze ervaring en van ons bewustzijn in het licht te stellen. hoofdstuk
In dit 10.
zijn
daarom
eerst deze drie stukken uit de Heilige Schrift bloot te leggen
daarna
2P.
de inhoud
ervan
te
ontleden
en
dogmatisch ineen
;
is
te
zetten, en zijn 30.
ten
ingaan
slotte
de opgekomen dwalingen, die tegen deze leerstukken
te bestrijden.
Toelichting.
Na
het
decreet afgehandeld te hebben,
genaamd de in
haar
eigen
en
het
ken dezer quaesties. voor
ethische
zelfstandig
genoemd worden het physisch", omdat van het
Het uitgangspunt
praedestinatie,
metaphysische
komen
als
recht
nu
wij
hierbij te
tot
het speciale stuk
nemen,
is,
dat wij het
loopend langs eigen spoor over en weer
laten
bestaan.
Het metaphysische kan ook
noemden echter juist het woord „metaethische zijde dit woord gebezigd wordt bij het bespreVooral prof. Chantepie de la Saussaye Sr. was gewoon religieuse
te stellen, alsof
;
wij
de Ethische levens- en wereldbeschouwing
in
over-
eenstemming was met het karakter der Gereformeerde Theologie.
Om te verstaan hoe zij dit wilde waarmaken, hebben wij terug te gaan tot de opkomst der Ethische richting. De school, die in het midden dezer eeuw de richting aangaf op Theologisch gebied, was die van Leiden. Daaraan vooraf ging het pog.en der Groninger school om, met ignorantie van ons historisch verleden, een practisch Schleiermacherianisme in de kerk in te leiden. Dat gebrek aan historischen zin bij de Groninger school was oorzaak van den weinigen bijval, dien zij vond en van het feit, dat zij op de oppervlakte drijven bleef. De glans dier school onder Hofstede de Groot, Pareau en deels ook Muurling voor een tijd in het Noorden, vooral in Groningen en Friesland opgegaan, was in 1850 reeds zoodanig aan het tanen, dat zij bijna verdwenen was, en naargelang die school aan invloed verloor, kwam de Leidsche op onder leiding van prof. Scholten. Zij trachtte het gemis aan historischen zin en aansluiting aan ons nationale leven, waaraan de Groninger school gelaboreerd en zich den dood gegeten had, te vergoeden vandaar dat Scholten niet Schleiermacher in de leer ging, maar de eerste was, die na lang verzuim bij ;
de oude Dogmatici weer
uit het stof
haalde (zie L. de
Deo
II
blz.
162 63). 51
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's