Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 930
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Christo (Pars Tertia).
114
Een derde vorm van de
eenkomst tusschen
wanneer
ze
de
partijen)
alieni, die ver-
stand i<omt.
tot
d.
omdat
bijbracht,
ex
i.
geen
er
constituto
alieni,
praetoris
vond
stipulatie plaats
den zondaar, maar de borgtocht geschiedde ex consti-
en
Christus
hij
stand door stipulatie [(over-
tot
pactum
door
Een vorm, dien men ook wel tusschen
den vorm, waarin
daarentegen heet ze constituta debiti
;
komt
stand
tot
de constitutum debiti
is
in
komen gewoonlijk
expromissio
en
Fidejussio
fidejussio
de consequentie, maar
niet in
schilt
tuto Dei.
Doch genoeg over de Romeinsche vormen van terugkeeren
nog een
Heilige Schrift en dan zien wij, dat behalve Hebr. 7
de
tot
waarop men
plaats voorkomt,
van Christus
stelling
doen naderen
30
n.1. Jer.
20
:
zich wel beroepen heeft voor de borg-
Hier
21.
:
—
in foro, in judicio
nl.
Laat ons thans
borgstelling.
sprake van vnnnpn
is
=^ ik
en Hij zal naderen tot God,
zal
—
Hem
en Hij
kunnen doen, omdat niemand anders op aarde wanneer God hem oproept, een hart heeft om borg te stellen, wanneer hij nadert. Wij zijn
alleen
dat
zal
tegenover
schuldenaars
kan
God
God
;
niemand
brengen;
niets
op ons, maar de mensch
heeft een recht
kan
borg
zich
stellen,
wijl
het hart van den
Daarom zal de Heerscher, die uit Israël voortkomen zal dat doen, wat de mensch niet doen kan. Ps. 119 122, „wees borg voor uwen knecht ten goede" (niD/" ^^31? nhp). Als zondaar onrein
is.
:
borg heb, kan de schuldeischer mij niet aanraken, maar moet
een
ik
borg aanspreken
hij
;
drukkers en roep mij
niet
van
ik
—
meer plagen.
den Messias sprake
voor
uw
knecht,
Deze
maar
tekst
den
slechts een zijdelingsche, wijl er niet
is
en
er alleen
ligt
er dit in
is
Maar wel
gehandeld wordt.
hij
mag niet tegen mij woeden. Sta ik dus tegenover onderGod aan om mijn borg te zijn, dan kan de onderdrukker
Gij kunt mij een
van aardsch leed en van een borg :
o
God
!
op aarde
is
er
geen borg
borg zenden.
Evenzoo Gen. 43 9; Jes. 38 14 e. a. pi. Nog een plaats moeten wij nagaan, die aangevoerd wordt tegen onze exegese :
van Hebr. 7 ons,
omdat
:
dit
omdat daar
22, als
:
kon
niet
sprake
is
stel
;
worde." klappen).
borg
(Bij borgstelling
Job 17
bij
U
;
was
Job vraagt hier dus
het :
:
wie
wat nog
te
God
bij
meer klemt,
nl.
„Wie
3 schijnt daartegen te strijden: „zet toch zal
hij
Dat
zijn ?
in
mijne hand geklapt
onder de Joden gewoonte zal mij
een borg
nu
schijnlijk 't
een
(Iets
zijn bij
in
de hand
U ?" Wat
te
betee-
deze woorden ? Uit den context moet wel als het meest waarworden opgemaakt, dat zij zeggen willen Ik wil wel met U, o God gericht gaan, maar moet eerst een waarborg hebben, dat naar recht met
kenen
in
mij
van een borg voor
zijn
van een gewoon woord Gods, maar van een belofte
met eedzwering bevestigd). bij
geen sprake
er hier
begrip zelf irreligieus zou wezen.
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's