Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 419
college-dictaat van een der studenten
§
5
ƒ Joh.
20
:
yrj'txry.ofziv
roy
Q-jTzc
o
'-(TTcv
o'i^XJXVJ Sh '6tc o Uihq TO'j ^IQ~J
:
kKr^ltojb-j
De
ristieke beteekenis.
wordt,
Maar
ligt juist
y,x\
^ihc
'/.X-ri^r/oc
pseudo--3-cc«.
De virtutibus
7.
Hij
y.yJ.
de
5
Joh.
'6t(
32 en
:
19
juxpropix.
aX'/jB-tvr,
Yifily
Dat
'i'vx
Xpta-T''>>.
Dat
de afgoden.
zijn
nu van den Christus gezegd
dit
de wereld
in
Scxvsixu
^lyjasj
(xItzIi
;
dat
is
god
uit.
Nu
het wezenlijke, het
y./.-n^rrAy.
vinden
35,
:
dat „waarachtig"
tuigenis,
hier tegenover
B-zó^.
zendt Godt zijnerzijds ook een beeld echte, het
oiC)
Alle afgoderij gaf een beeld voor
die afgoden.
in
}v tC>
Eene scherpe uitspraak met karakte-
S-csc staat
'j:/:t]9ïvjoc
KXl SéSwKcV
YjX,cCj
a.XYj^/.y'hj
T'j)
'''^'Jioc.
X,'A
eenige
is
Iv
'c<T(JiVJ
401
Dei.
de
In
malen sprake van een ge-
4
:
iA/^S-/;*?,
de andere maal
nog de verklaring
laatste plaats volgt
Cf. voorts Joh.
xkri^r, Xkyv..
Holl. beide
wij
Grieksch de eene maal
is,
37; Apoc. 3
:
KÓ'.yMuci; clSiu
:
14.
„-V^ il^'. n ^./aTriP.o^ y; xk/]B-iyr," niet vertaald door „Ik ben de waarachtige Wijnstok", maar door „Ik ben de ware Wijnstok." Dat staat tegenJoh. 15
is
1
:
over den symbolischen wijnstok. Hier In
7
Joh.
tegenover een behoort,
wordt
dat
:
maar
god,
dan waarheid
God gezonden
7; 6
het wezen van den wijnstok aanwezig.
10; 19
:
Hij
is
Hem
in
Uit die waarachtigheid
is.
Christus'
Cf. voorts, beide
is.
staat het niet
zoodanig, dat het tot zijne natuur
bewezen van
waarheid
de
voorts
van
Apoc. 3
valschen er niets
dan
Christus
is
wordt het woord gebezigd van Godzelf. Hier
28
:
voor
getuigenis,
God
en
Gods omdat
zijn Christus,
11.
:
Evenzoo wordt het gebruikt van de u'é'^('/7 Gods, cf. Openb. 15 3. Daar wordt gecombineerd met Sikxc:^. en heeft het dus geheel en al de Oud-Testamen:
het
tische beteekenis.
Van de oordeelen Gods zijne
woorden Openb. 19
zijn,
maar dat ze
voorbij
gaan
onvervuld In
niet
9; 21
er
is
Dat duidt
6.
zijn,
:
En van
7.
niet aan, dat ze
wijl eer
waar
hemel en aarde
van het door God gesprokene
misduidt
de tegenstelling
nog op gewezen, hoe
gebezigd van personen.
Men moet „waar het
„waarachtig".
omgaat,"
:
er een tittel of iota
hiermede dient
waar mensch". wraken, want
om
Openb. 16
het uitgesproken
5 en 22
blijft.
verband
onder ethischen invloed ook
voor
:
anders kunnen dan waar
dan dat
zullen,
men
vindt :
het
zijn".
uit
te
drukken
:
spreekt van „een
Dit gebruik nu van het
taalgebruik,
En dat beteekent
woord „waar"
dit
Men
door „waar"
te
woord
is
te
onderschuiven
iemand, die waarlijk mensch
is.
Maar
van „iemand, die met siinksche streken
moet men spreken van een „rechtschapen" mensch, een „waarheid-
lievend" mensch enz.
Rom.
3:4:
zeggen, dat
yivia-^ui Se
alle
b
B-ect;
aAyjS-z^c,
7rx>;
Sè cKvB-prj)7rot;^e6a-Ty}c k.t.?..
menschen leugen spreken? Dat kan de beteekenis
niet
Wil dat wezen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's