Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 603

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 603

college-dictaat van een der studenten

1 minuut leestijd

;

Caput legde Hij af

de

;

nam

alleen

De Nominibus Salvatoris.

iI.

onze

was den naam Christus. Eerst waar aan Gods niets meer geworden is waar ingegaan,

is

kon de zalving

Paradijs

geen duisternis, geen dood

geen dood

is

is,

;

weg, wat een eigen glans had

alles

alle

is

sprake

vinden

van

zijn

daar

;

gemaakt

>'.cvó.,'

is

heeft en in de

„zalving".

In

het

geen wonde, geen

lijk,

Waar geen zonde

zalving ondenkbaar.

waar de zonde komt en door de zonde de dood, gaat

eerst

;

daar

;

dat alles

Hij zich zelf

plaats

niet

en

kan

daar

eerst

en niet

;

ze aan zooals

werd gepostuleerd door dat postulaat voldaan is waar de Zone

;

TOLTriiv^fnc

nam

natuur aan, maar Hij

menschelijke

zonde geworden

door de

zij

en werd ons gelijk

glorie, die Hij had, liet Hij staan

Hij

55

;

de glorie van het Paradijs gaat weg, de

levensboom, de volle gezondheid van het lichaam, de heiligheid van de

mensch loopt

de

kan terugkeeren

niet

hij

dat

is,

meent nog vol

hij

te zijn.

dien toestand

in

worden

gezalfd.

natuur

zelfs

;

ingegaan, komt Hij

is

de

naar

niet

menschelijke

voor zalving

is

is,

natuur,

nemen

natuur niet

haar

in

gezalfde.

dof

voor 'O

werpt

Jezus

zich

het

X,o;o-rói-'

De

gezalfde,

\piTroq,

o

lichaam

Zijn

En nu

is

toehoort, op dien druipt de zalving

voor niemand zalving.

Hem, Daarom is

de eenige onder

Dan. 9

niemand

Die

ze buiten

krijgt

daarom

is

uitstraalde,

begint

in

af.

Ééns slechts

Joh. 2 Hij

24

:

Christus

in

bij

maar

;

is

bij

God

bij

Hij uit

Hem

in

de dooden

absoluten

zin

is h

de

Hem

dat, buiten

Hem,

is

er

etc.

Zijn ontvangenis iets

in

bij

opgewekt, want

maken

de incarnatie

En daarom gaan

;

zij

;

dit is

omdat

zij

mis,

van de zondige natuur is

reeds

heel Zijn kindsheid; „Hij

en de menschen''

'\pi<rroc

komt, en

de Allerheiligste, de vorstelijk Gezalfde,

den Doop, toen de Heilige Geest nederdaalde

toen

Hij alleen is

Hem

den moederschoot van Maria

Die zalving gaat door

wijsheid en genade

nu

taande

alles

anders dan wat

;

overgegaan. Die dat beweren loochenen, dat Hij de Gezalfde ontvangenis.

haar

de zalving geschied en

is

Zonder

20.

:

in

terwijl alles

niets

ongezalfd

is

van den Heiligen Geest ontvangen.

Hij

meenen dat

die

allen,

nu

zalving

I

maar

staat,

aard zoo, dat wie aan

zijn

want

;

onder allen de eenig

Hij

op Thabor, toen

verheerlijking

midden der zondaren. Alles

te

is

van

dat

licht,

is

doffe onder de doffen

als

begint Hij te glanzen.

is,

lapsa est

Wij mogen dus wel zeggen,

heerlijken

En nu

staat.

kunnen

te

gezalfd geworden, mits wij die

is

oorspronkelijken,

gebroken en door de zonde gevallen

nu den mensch

toe naar de goddelijke

nondum

si

niet vatbaar.

Christus naar Zijn menschelijke natuur

dat

Om

de positie van

in

En nu komt de zalving Hem nooit

wat rein-menschelijk

en

en alles betalen moet;

te redden, stelt Christus zich als failliet; die niets heeft

en nu Hij

ziel

een leeg vat daarheen, en de eenigste zonde, waardoor

als

bij

nam

is

Zijn

toe in

kreeg haar ambtelijk karakter een duif

als

ook Hij

;

zij

is

voltooid,

Opstanding

is

de dof gewordene, de

in

zalving.

den dood ingegane, weer met den glans des levens doorstroomd wordt. Dit zegt Christus is

zelf

opgekomen

hier

het

Joh. uit

12

:

7.

Wat

beteekent dit?

Wat

is

de balseming?

de verwachting van de opstanding des vleesches.

Zij

Zij

was dus

symbool daarvan, dat de hoogere balsem, zalving, levenskracht van

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's

Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 603

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's