Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 359
college-dictaat van een der studenten
§
De Dood.
7.
10§
band van vertrouwen, en het daarvoor
den
trouwen. Niets verbreel<t een volk zoozeer
De beurs
b.v.
banden
bare
vormt
van
als
het
handel staat
overal
is
niemand ons dood steken dat
lier,
goede waar
hij
vertrouwen
Zoodra bespeurt men echter
of
is,
vertrouwen,
alle
niet,
dat een of
band gaat weg en de
alle
stil.
vertrouwen
Dat
ware een geheel, saamgebonden door de onzicht-
't
crediet.
bank frauduleus
andere
de plaats treden van wan-
in
wantrouwen.
als
bestaat
als wij iets
;
levert
zijn
;
en
;
hij
straat loopen,
dan
men
zou
vertrouwen
wij, dat
koopen, vertrouwen wij den winke-
ons, dat wij betalen zullen.
door Gods genade
alleen
is
samenleving dood
zal
op
wij
als
;
niet
op
;
was
straat
En dat
dit
het weg, dan zou alle
durven komen en
alle
handel ophouden.
moest hier ook nog besproken, welke gevolgen de zonde heeft voor
Eigenlijk
de
maar
dingen,
laatste
zullen
dit
wij
doen
uitvoeriger
in
den Locys „de
Novissimis."
voor
gebruikt
S.
Rom. 8
„fzxTMOT-nS'
Het
nog commemoreeren, dat 't algemeene begrip, dat de toestand van ontbinding der sociale banden, is
moeten wij
Alleen
H,
lij
dien
20, Ef. 4
:
17.
:
den der geloovigen.
Indien het lijden het gevolg der zonde
ven, daar wij
Waarom Dat
is
is
God toebehooren er
dan nog
een der hoofdvragen
in
de Heilige T., (de
die weet, hoe deze vraag de vraag
Het en
is
zich
Gods, of in
Uw Dat
altijd
is,
niet
;
:
nog
ster-
Schrift.
Die op de hoogte
is
met de chok-
Spreuken, Prediker, Job en vele Psalmen)
in
die bijna in verzet
gelijk hij zelf zegt
wij dan
die de geloovigen van het O. V. gedrukt heeft.
de klaagtoon van Asaf
zelven
waarom moeten
voor de geloovigen ?
lijden
matische litteratuur van het O.
is,
?
Ps. 73, dat
hij
de boozen gelukkig
ziet
was gekomen tegen de beschikking
„Mijne voeten waren bijna uitgegleden, totdat
ik
heiligdom inging en op hunlieder einde merkte." is
het groote probleem van het
quaestie,
die er in paraenetischen zin
boek Job en de Prediker. kan komen, maar het
bij
Het is
is
geen
een hoofd-
vraag van het Oude Testament.
Waarom Bij
de
staat dit bij Israël
geloovigen
zoo op den voorgrond ?
onder het O. V.
is
een groote verkleefdheid aan
allerlei
uitwendigen zegen Kanaan, Jeruzalem, oud worden, kinderen hebben zijn de gaven waar hun hart aan hangt. En waar de Heere zijn geboden inprent, volgt :
er
terstond
:
opdat
het u
welga
in
het land, dat Ik u geven zal.
Men
heeft
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's