Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 441

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 441

college-dictaat van een der studenten

1 minuut leestijd

Hoofdstuk dat

werd dan ook

in

ons dogma

personen"

drie

gelijl<

Het Dogma de Sancta

I.

beweerd.

niet

elk persoon noodzakelijkerwijs een eigen

gaat

En dat

identificeren.

persoon een wezen

Hoe hebben

heeft

is,

de formule

In

minste absurditeit,

de

niet

schuilt

wezen

heeft, tenzij

men gedaan. Omdat

iieeft

men

7

Trinitate.

„Een wezen

:

is

dat

dan,

tenzij

men persoon en wezen

bij

ons, menschen,

dat ook overgebracht op God.

Ten

ell<e

onrechte.

dan de verhouding tusschen persoon en wezen te denken ? Als wij over het wezen van den Heere onzen God gaan spreken, hoe zullen wij onszelf daar dan rekenschap van geven ? AWeen door vergelijkingen. Wijzelf 3.

zijn

wij ons

wezens, en er

zijn

wezens om ons heen, en

er

is

het

wezen Gods

zoo

;

onstaat er vergelijking.

God

Behoort nu

ons

bestaande

tot

die wezens, zooals wij zelven zijn, of zooals wij ze buiten

vinden ?

analogie tusschen

Is er

Gods wezen en

het onze, of

tusschen Gods wezen en de wezens buiten ons, zegt bijvoorbeeld de dierlijke?

Het antwoord op deze vraag

ligt

opgesloten

in

de belijdenis van de schepping

des menschen naar den beelde Gods. Hieruit volgt eo ipso, dat er analogie

is

tus-

schen het wezen Gods en ons menschelijk wezen. Het beeld heeft immers analogie

met het Urbild. Verdeden wij de ons bekende creatuurlijke wezens dus

in

twee

menschelijke en niet-menschelijke wezens, dan moet de kennisse

categorieën,

van het wezen Gods gezocht langs den weg van de analogie met het menschelijke wezen, niet langs dien van de analogie met het niet-menschelijke wezen.

Wat lijke

is

het nu, dat ons menschelijk

wezen

van de niet-mensche-

wezens onderscheidt ? Dat wij geluiden kunnen maken, ons kunnen bewe-

nen, enz. ? Neen, dat

kunnen de niet-menschelijke wezens

men de gegevens van Darwin, dan wordt en

schelijk

het

dierlijk

geen overgang sprake dellijk

dat

;

de

heel

is.

;

is

leven. Hierin zijn wij,

schepping, dat wij personen

overige

veelal ook.

En neemt men-

het onderscheid tusschen het

wezen op deze punten zóo gering, dat er Maar wat wèl onderscheidt en dat voelen

ons persoonlijk

is

hebben. Dat

nu

ten principale

zijn

schier van wij

onmid-

menschen, geïsoleerd van

en een persoonlijk bestaan

de nota necessaria van ons menschelijk wezen. En moeten wij

naar de analogie van ons wezen tot het wezen

Gods doordringen, dan

is

hiermede uitgesproken, dat wij hei leven Gods niet onpersoonlijk kunnen nemen.

Het leven Gods komt,

dan

is

er

geen

is

een persoonlijk leven.

religie.

Want dan

gemeenschap met God mogelijk

;

is

er

Als dat niet tot zijn recht

voor ons menschelijk hart geen

dan vinden wij het mystieke verkeer

niet

mogen wij ideeën en aspiratiën hebben, maar de verborgen omgang met God is weg dan is er geen tweeheid en dus ook geen band der religie meer. Maar stellen wij naar de analogie van ons leven ook in God een persoonlijk leven, dan is het mogelijk om tot de religieuse kennis van Gods bestaan door dan

;

te dringen.

Dat

is

degrootewaarheid, die de Unitariërs tegenover het pantheïsme

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 441

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's