Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 474
college-dictaat van een der studenten
§
5.
De Foedere
in
oeconomia divina sive de pado salutis (pacis).
Komt de verbondsidee in
ten opzichte van den
mensch en onder men-
slechts ectypisch voor en vindt ze haar archetypisch origineel
schen
de oeconomia divina, dan kan ze haar diepsten grond
pactum
in het
ze niet
in
motief heeft
salutis, dat zijn
de oeconomia divina
in
den
niet
Dan
val.
vinden
toch zou
zoodanig thuis behooren, maar
als
er
slechts incidenteel inkomen, de grondverhouding der drie personen in
Wezen
het Goddelijk
persoon
derde
Tevens
wijzigen.
buiten
verbond
dit
rijst
blijft,
dan de bedenking, dat de
en dat de personen
Eeuwige Wezen zóó tegenover elkander worden loopt
in tritheïsme te
men de oeconomia
indien
foederaal opvat.
de
tusschen
Hieraan
vervallen.
van
band
kelijken
bezit.
God als
Wezen
is
of tegen
in
de
een driepersoonlijke
het foederale haar eenheid en onverbre-
zelf is
dan
niet alleen
van elk verbond maar
zoodanig de levende en eeuwige grondslag, en in
de verbondseenheid haar bewuste
Vader, Zoon en Heilige Geest staan dan tegenover
drukking.
God
Er wordt danlDcleden, dat
Goddelijke
in
de wezenseenheid vindt dan
niet
ontkomen,
van den mensch onder menschen en de
het
onderscheiding bestaat, die
van de verbondsidee
te
met het vroeger behandelde verschil
Dit strookt dan
persoonlijkheid
persoolijkheid
dan alleen
in het
men gevaar
divina van de drie personen als natura sua
persoonlijkheid als drieëenig in God.
ééne
is
gesteld, dat
God
optreedt
in
al
uit-
wat
die eenheid van trouwe, dat de
een niet anders wil dan de ander, en de geheele macht van het Goddelijke
Wezen
zich met de hoogste bewustheid als foederale eenheid
tegen het ongoddelijke keert.
En
is
op die wijze de grondslag van de verbondsidee
der Drieëenheid zelve gevonden, dan
is
in
de belijdenis
als hieruit afgeleid die
nadere
Zoon en Heiligen Geest, die bepaald wordt door het optreden van het ongoddelijke in engelen- en menschenwereld, niet enkel naar de idee der mogelijkheid, maar naar de idee der realiteit. Gaan we toch van de belijdenis der Triniteit op de belijfoederale verhouding tusschen Vader,
denis van het decretum over, dan staat de realiteit der zonde vast, en
moet de foederale eenheid
in
God
zich richten op de
winning dier zonde, opdat God triomfeere. Dit nu
volkomen over-
leidt tot
de constitutio
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's