Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 274
college-dictaat van een der studenten
LOCUS DE PECCATO.
24
die niet het hoofd b. Eva was een persoon met minder verantwoordelijkheid was van de vesting en dus minder sterk stond. was de vrouw, <lie volgens de geheele Schrift de minste was in c. Eva ;
weerstandsvermogen, de zwakste
in
wilskracht.
Daar nu de vrouw alzoo stond, was met haar
zondaresse
tot
het paradijs verloren, noch het menschelijk geslacht tot den val
kon individueel zondigen ven
God
en
uit
kon
zondigen
alleen
niet
Want
God Adam
indien
was toch ons
eerst val wordt, als
hem
met
;
vernietigd en een nieuwen
geslacht verloren gegaan.
doorgaat
zij
tot
Adam. Adam
geheele menschelijk geslacht.
het
viel
—
Adam geschapen
had, dan
Satan begint de zonde geestelijk niet zinnelijk.
B.
De zonde gaan
niet
is
maar
juist omdat zij van dat begrip uitmonnikendom onwaar de zonde is van nature
iets vleeschelijks
het ascetisme en het
is
;
;
non carnale
spirituale
aliquid in
ware Adam blijven staan, dan had zij kunnen sterrib van Adam een andere vrouw kunnen schep-
;
een tweede
Vandaar dat de zonde
pen.
maken noch gebracht. Eva
te
dit blijkt daaruit
;
de geestenwereld, die geen
o-^iaa
dat
haar oorsprong heeft
zij
heeft en dus somatisch niet zondigen kan.
God wezen" is daarom de eigenlijke haak, waarmee Satan den mensch Maar hoewel de zonde geestelijk begint, is de mensch daarom gevallen, zoolang hij niet in het lichaam zondigt. De bestemming
„Gij zult als
omverhaalt.
nog
niet
van den mensch voor
zij
ook
doorgedrongen zooveel vooraf
in
zijn
C.
ziel
Evenals te
kunnen
bijkomt. Die
Leugen
psychisch èn somatisch, daarom was de zonde niet voleind somatische, wat den mensch van den engel onderscheidt,
was.
beteekenis.
buiten.
lucht
is
in dat
;
in
Daarom
—
zijn
toen
Niet
maar
die
pas
zoo
springen,
heeft
te tasten. „Is het ook, dat
dezes hofs ?" Eva's antwoord a.
„Van
allen
boom
dezes hofs zult
repetitie
van
't
haar gangen.
Gij zult niet eten
:
dan ook onjuist
gij
vrijelijk
werkwoord)
—
—
;
;
zij
in
zijde haar
van allen
aan
boom
verminkt Gods woord reeds
het
gebod had God gezegd:
eten" (wat
in
't
Hebr. uitgedrukt
de vrouw neemt het
in
zijn
ver-
„Van de vrucht der boomen dezes hofs zullen wij eten." doordat ze niet spreekt van den „boom" maar van de „vrucht des
zwakten vorm b.
is
heeft
doordat ze weglaat het woord „vrijelijk";
wordt door de
de appel.
val,
Eva stond nog zwakste de vorm van den leugen was al
daarom begint Satan van deze
God gezegd
van
toch niet plaats voor er een vonk
;
juist
at"
hij
val ging reeds
dit
zijn geestelijken
het karakter der verleiding in
nog onbekend. Maar
de
;
werd de zonde voleind, trad zij naar elementen aanwezig zijn om in de
buiten de leugen, kende die niet ook de twijfel,
haar
mensch
de
alle
eerst in die bete
een kruitmagazijn
vonk was voor Adam, na is
eenvoudige woorden „en viel
:
booms", dus een verkleining.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's