Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 65
college-dictaat van een der studenten
§ Ps. 86
In
heet het
1 1
:
De Cognitione
2.
t'jDB'
:
HNT/»
^13^' "^Ül
sprake van „vroomheid", maar de bedoeling
van mijn hart weer
Evenzoo
hun uitganspunt
tot
Spr. 14
in
:
27:
"yiprz
:D''''n
is
47
Dei.
En ook deze
ons brengt
zet,
hnt;
energiebetoon, de impuls
tot
is
wederom geene
het diepste van mijn wezen."
in
nin^
d.
w.
de innerlijke gewaarwording van de praesentia Dei
is
hier
„Herzamel de uitgangen
:
is
de vreeze des Heeren
z.
in ons, die
van ons wezen, en
ons als
in actie
zoodanig
heet „eene fontein des levens". In viel
11:7
Sam.
1
op het volk,
wordt gezegd w.
d.
z.
:
Dyn-^y nin>—inB
^n^i
;
de vreeze des Heeren
door de openbaring van Gods majesteit en wónder-
macht werd op dat oogenblik het diepste
van
religieus besef in het hart
het
volk geroerd en opgewekt.
Hiermee
geroerd worden. Met intellectueele kennis hebben ze niets
innerlijk
Gen.
In
pnT nn
samen, dat God zelf genoemd wordt de Vreeze, ina. De nxT beteekenen oorspronkelijk beide een physiek beven, een
hangt
woorden in- en 31
•,
42
:
53
en
te
maken.
wordt God genoemd de God van Abraham en de
de Vreeze van Izaak.
den naam, waarmee Izaak
Het spreekt vanzelf, dat
God noemde.
dit
pnv nni aanduidt
nn~ moet dus eigenlijk niet vertaald
worden door „Vreeze", maar door „Vreesveroorzaker". Door zijne praesentia in den mensch doet God den mensch beven en wekt daardoor het gevoel van heilige majesteit en vreeze. Cf. 1 Sam. 10 26: „En Saul ging ook naar :
huis
zijn
Gibea,
te
en van het heir gingen met hem, wier hart
God
geroerd
had". In Jes.
8
13 wordt
:
hiphilvormen Hij
zij
uwe
gebruikt,
God genoemd de Dpx-iirs en de Dpxnyö. Daar worden waarom dan ook de vertaling: „Hij zij uwe vreeze en
verschrikking" fout
ring veroorzaakt en in
Die ayri wordt
uw
Hij is
is.
de Vreesaanjager, „die
in u
ontroe-
binnenste een heilig ontzag teweegbrengt".
de Heilige Schrift ook gesteld in de verhouding van den
in
De ay^ van den mensch zou op de dieren rusten, zoo zeide God, cf. Gen. 9:2: „En uwe vrees en uwe verschrikking zij over al het gedierte enz." Men zou het omgekeerd verwachten, want dit woord werd mensch
tot
de dieren.
gesproken na den zondvloed.
Met
dat NniQ wordt
dus
gewaarwording van ontzag. eerste
neiging
om
is
voor
dieren hebben die neiging.
Die
wVii's
nu,
die
eene inwendig gewrochte werking, eene Een beest heeft ontzag voor den mensch, de
bedoeld
hem weg Bij
te
loopen.
Zelfs de „verscheurende"
de gedomesticeerde dieren
op de dieren
ligt
met betrekking
tot
is
ze getemperd.
den mensch, wordt
vergeleken met de ay^, die de mensch voor God heeft. Het is de innerlijke gewaarwording van eene meerderheid tegenover zich, waardoor vreeze gewekt wordt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's