Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 181
college-dictaat van een der studenten
§ meer zinlooze klanken geven niets terug van
sommigen
achten
het
6.
De nominibus
163
Dei.
namen. Maar ook de laatste wezen van een persoon of zijne familie. Zelfs „deftig" een naam te voeren, waar niemand iets van dan
onze
Hollandsche
het
kan begrijpen. nu ook
geven van een anderen naam tevens
dat
gaf
Oudtijds
kennen, dat men
te
een ander volksgeheel werd opgenomen en onder de overhoogheid
in
van een anderen vorst kwam. Eerst van het oogenblik dier naamsverandering
werd men
af
ten volle eens anders onderdaan. Cf. Dan.
kamerlingen
der
Mesach,
Hananja Sadrach, en Misael daar
heeft
zoo goed
ook
meer betamelijk was, dat
2:7:
Esth.
eigenlijke
„En Mordechai was
de dochter zijns ooms."
Ook
feitelijk
zijn
voor ons.
Joodsche namen bijhielden. Zoo
wij de
het, die
hier heeft
Beltsazar, en
Joodsche namen
gegaan, behalve Daniël, terwijl het toch
als te loor
Christenen,
„En de overste
hij
en Azarja Abed-nego." Die kamerling
mee gehad, want de
succes
veel
1:7:
andere namen, en Daniël noemde
hun
gaf
opvoedde Hadassa deze ;
is
Esther,
de Perzische naam denjoodschen ver-
drongen.
De naamsverandering dat
samenhing met
dus oorspronkelijk een algemeen verschijnsel geweest,
is
overgang
den
onder eene andere overhoogheid. n^''np,
tot
een andere nationaliteit en het komen
Hetzelfde hebben de Joden toegepast
den proselietendoop, waarbij den heidenen, die
nieuwen
gemeente voegde.
naam,
Dit
Jodendom over-
als hij tot Christus
de origine van het peter- en meterschap.
is
de
Zoo gaven ook de eerste Christenen bekeerd werd en zich bij de
kwamen, andere namen werden gegeven. iemand een
tot het
bij
vader en moeder geloofden doorgaans niet
den Christus
in
;
De
eigen
daarom kreeg zoo
iemand dan nieuwe ouders, peter en meter genoemd.
De naamgeving hing bij Israël ook saam met het onderdaanschap van God Koning. Daarom had ze ook niet bij de geboorte, maar eerst bij de besnij-
als
denis
was een merkteeken, dat men
Ze
plaats.
Daarom
behoorde.
is
om
ook de gewoonte,
den doop, want daar
bij
ligt
tevens
de
^r)p^
van
Jehova
aan het kind een naam
de aangifte aan den „burgelijken stand" verkeerd
bij
feitelijk
tot
in
;
die
te geven naamgeving behoort
het stellen van het kindeke als
onderdaan van Koning Jezus.
Ook op
men aan steden, bergen, rivieren enz. was de eenige gletscherberg uit den Karmel was de wijngaard Gods Jericho de welriekende stad, wijl in het gebied der openbaring gaf
kenteekenende
omtrek een
;
namen.
Bijv.
Libanon
;
bloementuin
gelegen
;
de Jordaan had haar naam, gelijk ook de Rijn en
Ganges,
van
het
afvloeien van het water, enz.
ook wezen
zou,
dit
lijstje
de
te
Doch hoe
interessant het
vervolgen, het geldt hier slechts een algemeen 11
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's