Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 460

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 460

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

Locus DE Deo (Pars Altera).

26

dat

dit,

kenmerk van de ectypische, menschelijke persoonlijkheid is exsistit in tempore. Zij komt in den tijd op. Er is een moment, dat die

Een vierde

4.

zij

persoon begint.

(Ik laat daarbij

het midden, of dit

in

moment

in

ligt

de ont-

Raad Gods, wat men wel eens noemde de ideale praeëxsistentie van de persoonlijkheid, omdat de uitverkorenen vóór hunne ontvangenis, van eeuwigheid, van God gekend zijn.) Dat is vangenis

dieper

of,

doordringende,

den

in

van de ectypische persoonlijkheid onafscheidelijk,

omdat

juist

zij uit

een Urgrund

buiten zich moet opkomen.

de archetypische persoonlijkheid

In

den persoon, en dies

in

in

is

er voor

echter de Urgrund niet buiten, maar

ligt

God geen

begin denkbaar.

Die onmiskenbare trek der archetypische persoonlijkheid, dat zij ro xïwisy zichzelf heeft, brengt mee, dat er onderscheid moet gemaakt worden tus-

schen het bestaan van en

tijd

God vóór

en na de schepping.

archetypische persoonlijkheid

de

onderscheid tusschen het bestaan van

in

God vóór

in

den

er vanzelf

een

de schepping

Is

het x'm-mov, dan

is

en na de schepping.

Dit doet

ook telkens uitkomen, en wel met de formule Trps y.xTx(3o>~r,c y.iiTfxo-j. Beide logisch en door de Schrift worden wij dus gewezen op de bestaanswijze van God vóór den kosmos. dan

de Schrift

Op

5.

dit

punt aangekomen, ontstaat nu de vraag, hoe

soonlijkheid de verhouding

is

in

de ectypische per-

van den persoonlende actie van den persoon. Met

daarna

de vraag, of die verhouding evenzoo op de archetypische persoonlijk-

heid

over

is

Bij

10.

brengen of

te

niet.

de ectypische persoonlijkheid nu kan de actie ageeren en stilstaan,

opwaken en

sluimeren, actu en potentia

zijn.

Onze

exsistentie

is

dus

in actie

of niet in actie.

Tweede kenmerk

20.

bij

de ectypische persoonlijkheid

is

dit,

dat bij haar

bijna nooit de geheele persoon in actie komt, maar slechts gedeeltelijk.

menigmaal de eene

sluit

actie de andere

beeld het gelijktijdig spreken van Latijn

meest heroïeke actie schelijke actie

Ad

1""'.

Bij

is

zijn er

uit.

uit.

Ja, zelfs

Hollandsch spreken sluit bijvoorZelfs

bij

de meest geconcentreerde,

toch nog altoos factoren, die sluimeren.

De men-

dus betrekkelijk nooit absoluut.

het eerste punt

moeten wij terugkomen op het vroeger bespro-

kene, dat de ontluiking van de menschelijke persoonlijkheid eene processueele Eerst

is.

maar in

langzamerhand

het kind begint

met

komt de persoonlijkheid

tot heldere

zijne persoonlijkheid schuil te

houden.

ontwikkeling,

Nu

ligt

het

den aard van die processueele ontwikkeling, dat de actie gedurig toeneemt.

Elk proces gaat van het nulpunt uit en schrijdt vooittot het hoogst bereikbare Metterdaad is ook bij een pas geboren kind de actie nul. En die geaard-

punt. heid

van de processueele ontwikkeling repeteert zich

in

het geheele leven

op

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 460

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's