Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 903
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel
§
VI.
De Grondbeschouwing der
3.
wordt betoond over de o-xcy/? met de zonde geconsidereerd.
dan
kxis'jq^
is
H. S.
die barmhartigheid
ook
213
verband
in
Nu moet eciiter, wanneer de electie niet alleen in verband met de schepping maar ook met de zonde moet worden beschouwd, zal de independentie Gods worden gevindiceerd, er voor gezorgd worden, dat de zonde rikt als een Ahriman,
eene buiten
God
staande macht eene beperking
Daar nu de H. zorgen
band
het
uit
probleem
elk
bij
gaat
teloor
altoos
verstokken
verharden
en
zoo
staat
de H.
dat
S,
toch geeft
op
er
God
uit
is
om
te
zuiver werke, en
doen, daarom
te kort
is
de ethische motieven terugdringt en
van het hart
waarbij winnen wij meer
:
Dan
staan.
allereerst
aan de independentie
als wij
drang,
religieuzen
De vraag lijn
S.
te
het besluit.
in
dat de religieuze band van ons hart met onzen
die
het
macht tegenover God komt
als eene zelfstandige
:
insluit in Gods bestel. indien wij, om de ethische
zuiver af te loopen, de religieuze waarheid prijsgeven of als wijde eischen
van
het
leven
ethisch
terugdringen
ter
handhaving
van
de
religieuze
waarheid ? Alle Arminianen, Pelagianen en Semi-Pelagianen hebben, voor deze quaestie
Dan maar
gezegd:
gesteld,
Gereformeerden en
alle
alle
de religie terug, maar nooit het ethische besef;
aanhangers van Augustinus
zeiden omgekeerd: neen, als wij
in
den voor-Reforma-
God behouden, kunnen
wij het
torischen
tijd
zedelijke
leven nog terugkrijgen, maar liouden wij het zedelijke leven en zijn
wij
onzen God
dan
kwijt,
alles verloren.
is
moet levend gehouden worden, dan
Daarom
weer opkomen. het
die
leerden
diepst
dat
in
is
kan
De de
wortel van den struik (de religie) struik
zelf
ethische leven)
('t
op het voetspoor der H.
het, dat,
S.
diegeloovigen
H. S. verzonken altoos, evenals Augustinus en Calvijn,
de
de wortel des levens moet worden behouden.
Uit het religieuze
Het wezen Gods moet voor ons besef
komt de waarborg voor het andere. God blijven, wij moeten belijden wat
intact
zijn die Ik zijn zal,"
Dei en
Hem
en daar nu
in
den
Naam Jehova
determineert, den hoofdtrek in het
Wezen Gods
wat eenigermate
independentia
ons gedurig aan, hoe dig
kwaad der zonde
niet alleen het in het bestel
Slaan wij op Jes. 63 tieve
beteekenis
dus,
:
en
:
„Ik zal
vernietigt, moet,
wie den religieuzen wortel wil vasthouden, wat het ook koste, die
ligt
die iets te kort doet aan de independentia
hij
Daarom
zou aanranden.
alles
wegslaan
geeft de H. S.
uitwendig kwaad, maar ook het inwen-
Gods
besloten
ligt.
dan vinden wij daar 2 Hiphilvormen, met causamet de beteekenis van het verbum wordt hier van
17,
nyn en nt\i gezegd dat God het doet, en wel gezegd, niet van kleine zonden maar van het afdolen van Hem en het verlaten van Zijnen weg,
het
zonden
waarop onder
Israël
de
doodstraf
stond.
Wij huiveren,
als wij die
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's