Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 504
college-dictaat van een der studenten
Locus DE Deo (Pars Altera.)
70
morra wordt aangekondigd elkaar
bij
nog
duidelijker uit
dat
in
Dit wordt
Vers
19,
evenals
de
in
20—21
bezien
of
19
scheiden
dus
waar
wij
1,
:
hun geroep, dat
mannen
die
:
gekomen
„Ik zal het
is,
het aangezicht vandaar en gingen naar
van den eene, zooals ook overeenkomt met Cap.
twee
twee mannen
lezen, dat
Sodom kwamen.
Die éene, die
recritstreeks spreekt.
Daarop volgt
te
God door hem
welbekende gesprek, en de
geheele
tot Mij
nog staande voor het aangezicht des Heeren."
bleef
staan, spreekt zóo, dat
blijft
dat
de
hier,
Hosea, de Heere
we
Zien
etc.
Sodom, maar Abraham
Nu
van Amos en
plaatsen
naar
zij
„Toen keerden
vers 22.
drie
hem.
In
gedaan hebben"
uiterste
uit
de opmerking verdient, omdat
bovenal
besproken
nog
er zijn
;
maar God
lezen wij weer dat de Heere spreekt, en dat Hij zegt
en
afgaan
nu
mannen
dier
niet uit zichzelven,
opzicht
dit
vroeger
spreekt van „de Heere". vers
monde van een
bij
de eene spreekt dus
;
voorbede van Abraham
priesterlijke
voor Sodom.
Dat Abraham zich volkomen bewust
waar
vers 25,
zegt
hij
:
is,
dat
hij
met God
zelf spreekt, blijkt uit
„Zou de Rechter der gansche aarde dan geen recht
doen," en ten slotte toont ons vers
33
de priesterlijke voorbede van Abraham voleind was, de
toen
dat,
Heere wegging en Abraham naar
Eén van de
Wie
Daarmede het
men
men
raakt :
1.
vertalen
hebben geen
in
;
zijne tent.
de twee anderen
de war
Dat woord door
ook vaak
ze
nu weg
is
lichaam,
„loopers"
zijn.
13
:
door den Heere,
als
van het In
van mannen huis,
17
vers
Lot ook
God
fout, dit ;
kan
als
om
zelf.
in
't
;
lezen
wij
nu
waar
zijn
;
engelen
was door woord hier nemen
aan „boden"
te
den-
verklaren zqU gezonden
en Gomorra
te voltrekken.
twee mannen, die eerst engelen genoemd
mannen van Sodom
af
naar binnen.
tot zich
eensklaps dat „Hij" zeide en vers 18 antwoordt
enkelvoud met „Heere"
Cf. vers 21
Sodom
om Zij
slaan met hunne handen de
zij
zoo
vertaald
Laat ons dus dat
Zijn gericht aan
en trekken Lot
niet
D"'3x!'r2
„Wij gaan verderven."
:
woord „engelen" men denkt altijd
etymologie van het woord Loc. de Angelis).
In vers 10 en 11 lezen wij van die zijn,
is
nu metterdaad gereede aanleiding bestaat
ken, blijkt uit Gen. 19 te zijn
de
(zie
het
een struikelblok,
minder vleugelen
veel
is
:
altijd
nu
Dit
zoo
er
gegaan.
aan eene soort gevleugelde wezens, zooals
„engelen"
afteekent.
dan zou de zin duidelijk
het
Sodom
naar
men vasthoudt aan
als
D"'pN!>:p is
„boden",
Dat
zijn
nu die twee ?
zijn
van Gen. 19 bij
drie
wij lezen
;
:
een van die twee spreekt dus weer als „Hij zeide tot
hem" dan ;
in vers
24
zien
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's