Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 763
college-dictaat van een der studenten
Caput Een staat de
stand,
meer
De Mediatoris Statibus.
IV.
Brengen wij
waarop de
Het begrip „Status."
in
Een
61
toe-
dien staat verkeerende persoon zich vertoont, zijn
staat doet uitkomen.
nu op onzen Heer en Heiland over dan voelt men, hoe men
dit
komen kon
er toe
1.
het blijvende, onafhankelijke van de omstandigheden.
is
wijze
minder eigenschappen van
of
§
geboren worden, verkeeren
zijn
in
armoede,
in
lijden,
sterven
en opstanding niets te zien, dan een overgaan van den eenen toestand
Dan
anderen zonder dat verandering van staat intrad.
men
ziet
in
Hem
den
in
alleen
den Middelaar, met wien het nu zoo en zoo afloopt; Hij moest geboren worden,
—
zoo zegt men
zich ontplooiend proces van toestanden,
maar nergens
daaruit volgt zijn lijden, sterven en opstanding.
—
dan
een
alleen
is
In Christus
een caesuur, die maakt dat Hij van den eenen staat in den anderen overgaat. Dit begrip van status
omdat
om
er
is
door de Geref. Theologen nooit behoorlijk uitgewerkt,
voor hen geen aanleiding toe bestond.
Arminianen en Socinianen nog even sterk
Maar altoos
Schleiermacher's
sedert
bij
de
aan de immanentie.
zijn alle
Schepper en Schepsel en zoo ook tusschen de
Overheid
geen
als
invloed op de Theologie
doorgaand proces machtig geworden en
tusschen
Er was toen nog geen neiging
Het geloof aan de transcendentie was
het proces te vervallen.
in
de idee van een
is
grenzen uitgewischt status, ja
men
kent
onderdaan meer, maar alleen burgers, die ten algemeenen
en
nutte elkaar regeeren.
Deze neiging om den
om
de neiging
status
weg
te cijferen,
nog wel van recht gesproken, maar ning"
Men
is
heeft zich
hem een
volgens
niet
meer met recht gerekend
nog wel een rechtsbedeeling maar alleen daartoe bevoegde macht van bestaande rechtsbegrippen. wet vervalt dan facto
een
;
door het rechtsbewustzijn van heid
;
of
het
recht
of het zedelijk
En
dit
recht
wat voor hen gelden
selen,
heeft
;
en gebruik
Doordien bestaan.
volk.
als
zij
Recht staat
in
men
dat er een a
is,
zal.
en schepsel op, dan heb
termen, maar
„toereke-
niet bij
als fixeering
Men
door de
spreekt van een
meer gedragen wordt
hen lager dan zedelijkniet toe,
de vraag
komt daar vandaan, dat men de transcendentie van God
Want
beschikken
't
zoo zeggen deze heeren, doet er
is,
:
is
is.
alles
vasthoudt.
in
onethisch, irreligieus, oppervlakkig abstract begrip.
erkent
„rechtsproces"
ook geopenbaard
het recht te laten vervallen. In Schleiermacher's theologie wordt
ik
Hef geen
ik
is
nu het absolute onderscheid tusschen
God
niet
die over ö en c te bepalen heeft
God
meer, die absoluut over het schepsel
te
er geen rechtsbedeeling meer onder de schepdeze woorden toch, dan is het met bijbehouding van de
dan bestaat ik
anderen het
Wij kunnen
zin,
dan ze oorspronkelijk bedoeld waren.
rechtsbegrip in
liet
varen, konden de „status" niet blijven
een „staat" verkeeren, omdat
Hij, die
daartoe het recht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's