Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 493
college-dictaat van een der studenten
:
§
Om
6.
nu Romeinen 5 goed
even
fixTCTLT^XTOq TTxrpóc,
ro~j
r\fJi,dg
'^Cf.V'/.TOV
de
een
relatie
van ri
kxI
ykp
¥J.
airo) ^Cx to'j
zb-j
(riipctp'jTOi
de
is
Nu
yiybvxfjLVJ
(rufKporov v.vxi.
En
4
uit vs.
Dus
zien
zeggen
:
daardoor nu ook ons het nieuwe leven
dat nu
ZTi a7ro3rvy](TyM
q'jk
alle stengels
S-avxTog
.
o-ii^'r;cro/u.iv
%'jTO\j
o-Ik
zelf
uit
Hem
is,
In
Hem
uit
de verzen 8 en 9 wordt
overgebracht. Ef II
b.Tri'^k-
'xörr^j elSórei; 'ón X.pccrTcg ïyzpB-zlg ix,
sn
K'jpizóci.
en ranken het levenssap opdringt, zoo
zeker en gewis, dat ons het leven is
toe.
nog eens geresumeerd en op het leven
vofxiv crhv X/J^fTTcï), TCKTTiiio^zv cTi Kxt uv/ip(óv,
hier,
Christus heeft door
Zijn dood en opstanding de verhoogde nieuwe natuur verworven, en vloeit
we
dat die relatie lotgemeen-
blijkt,
staat wil
r';)
icomt het hier
tusschen wortel en
relatie
dientengevolge een levensrelatie.
;
met zich brengt. Wat daar toch
schap
tusschen Christus en Zijn
avxcrT(Xcn(x)t; icrófisB-x.
een plant
In
a-ó/xfvroi.
Romeinen 6
\pC(TTSt; tK i>cKf(hil StXT?,g Sc^-rjC TCÏ/
/;yi,<:9"/]
Tr,i;
eerst
Christus tot Zijn uitverkorenen een organische relatie
van
relatie
kKKx
(xLroü,
een organische
dat
UXJTTcp
'iVX
we
rrwiTct.(prjfj,zy
:
Iv KX'.vbrriTt ^w?;c 7ripi7rxTl'iCr(ji[jLZv.
^xvxrov
aan op die uitdrukking stengel
verband
organisch
liet
en 5 aldus omschreven
4
vs.
TSV
V.Q
Kxl
oitTUi
bfjioiijipcxri
in
99
het noodig, dat
te verstaan is
Daar wordt
inzien.
uitverkorenen
De Foedere Operum.
toevloeit.
Gelijk uit één wortel in
zijn wij, ingelijfd in Christus,
De dusgenaamde unio mystica
dus een een organische unio en waarborgt ons rechtstreeksche lotgemeenschap.
Zonder
van Rom. 6
dit eerste deel
moest dan ook zóó
dat
zijn,
Rom. 5
is
hfdst.
bij
dat doorliep tot het I5e vers van hfdst.
Komen we nu Aiot. ot.y:j:i
roüro
yxp
cócr^e/j vóixo'j
eenigszins
Romeinen kvhc av^ p(>}7rou
tot
^l
ot-fixprix
het
geheele hoofdstuk.
met
vs. 20.
Wat
TiV
raadselachtige
is
noodig, dat
c/.(j.xpTix
nemen we
tlcTzv
k^xprix Vt SjK 'O^Xoydrxiy
woorden
uit vs.
Om
/xri
de woorden En nu vers 13:
cyroc
ze te vatten moeten ze in verband '[yx
indeeling
vbfiz'j.
Die
13 strekken tot recht verstand van
TcXzovka-r,
worden gezet
rb 7rxpx7rT(j)pcx.
„Tot de wet was de zonde
:
we
eerst
Y.hrrpLov v.ü-r'A^z.
iv Kb(T[X'x>-
Nó^a^t; Ji Txpica-?,XSrzvj
wil dat nu zeggen
verstaan
r\
De
6.
Uit vs. 12
5.
niet te verstaan.
5 vers 12 een nieuw hoofdstuk begon,
in
de wereld ?"
het proefgebod parallel stellen met de
Om
wet van
dit te
Sinai.
Aan Adam was de zedewet ingeschapen. Die heeft hij niet verbroken. Dat zou het geval zijn geweest, wanneer hij Eva b.v. had verwond. Neen, de oorsprong der zonde ligt buiten de zedewet, in het proefgebod. Dat proefgebod werd den mensch van buiten af opgelegd. Het was een extrinsecus ad hominem perveniens mandatum. Dus, terwijl de zedewet in zijn eigen leven opkwam, kwam het
proefgebod
was
dat met het proefgebod niet het geval,
pure leven,
goddelijke
van buiten willekeur
maar enkel en
;
af.
niet
alleen uit
Terwijl
hij
de zedewet 't
voortvloeiend
Gods
wil.
als rationeel
begreep,
Was
een puur arbitrium divinum,
uit
de natuur van het zedelijk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's