Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 301
college-dictaat van een der studenten
§
De virtutibus
7.
263
Dei.
Want de kennisse Gods
is geopenbaard f
niet
door conclusies trachten
De
geheele voorstelling van die viae cognitionis hoort niet thuis in de theologia
maar
revelata,
te verkrijgen.
de „theologia naturalis", namelijk als men daar, gelijk door-
in
gaans gansch verkeerdelijk geschiedt, eene aparte „theologie" van een pagina of wat van maakt, een klein dogmatiekje vóór de groote dogmatiek der theologia
Onze vaderen hebben
revelata.
vrucht gezet,
ik
woord
de
theologia
vernemen
op, en daaruit
deugden dan
welke Gods deugden
wij,
Gods En staan die
zijn.
verband met onzen eigen persoon ? Zeer zeker. Wij zouden
niet in
kunnen verstaan,
thuis.
revelata daarentegen slaan wij
intellectueele, ethische en aesthetische
de
zelfs
van
eene
zoogenaamde „theologia
in die
deze via triplex cognitionis
standpunt
het
is
den breede uiteen-
alles reeds in
is dit
daar thans niet op terug. Maar
kom
naturalis", daar hoort
Op
nooit aan die dwaasheid gedaan; dat
Vroeger
de vorige eeuw.
uit
begrippen van de Schrift niet
als wij zelf niet intellectueel, ethisch
den. Wij zouden er niets
bij
kunnen denken,
en aesthetisch bestonde beseffen van
als wij niet zelf
heiligheid enz. in ons omdroegen.
oog houden, dat wij ook moeten verstaan wat de Schrift ons openbaart, dan mogen wij ook wel van eene via cognitionis spreken. Maar dan andersom. Dan niet van een via eminentiae, maar van
En
zeker, als wij dat in het
een via inferioritatis
maar gisch
God
in
:
wij
is,
niet
zeggen
Zoo ook houden
beginsel.
negeeren niet wat
God
dan
;
ons
in
God
bijv.:
:
ons
in
is
het zóo en in
is
is
bij
wij
van het
eminent,
dan wel een via negationis, maar wij
God, integendeel,
eeuwig, maar
ik
ben
effect
tot
de
causa,
maar
ons wat in En zoo ook spreken
wij negeeren bij
niet eeuwig.
wel van oorzaak en gevolg, maar wij gaan van
niet
God
het zóo en in ons inferieur. Daarin schuilt juist het theolo-
is
God
via effectus
als
van
oorzaak
uit
God
uit,
te
om
komen
tot ons.
V.
Het laatste punt, dat wij voor de behandeling der afzonderlijke deugden
nog bespreken
De meest
is
de indeeling der virtutes Dei.
gebruikelijke
is
wel deze, dat men spreekt van mededeelbare en onme-
dedeelbare eigenschappen Gods, virtutes communicabiles et incommunicabiles.
Formeel gegaan.
is
God
Maar wel
daar geen bedenking is
het, die
rijst
er
bezwaar van eene andere
de zaak dan zóo voorgesteld, alsof heid,
tegen. Immers, hier
mededeelt, of niet mededeelt.
barmhartigheid
enz.
bijv.
Gods
mededeelbaar,
zijde.
wordt theologice
Men
gaat dus van
te
werk
God
uit.
Immers, gewoonlijk wordt
heiligheid, liefde,
daarentegen
zijne
rechtvaardig-
alwetendheid,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's