Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 749
college-dictaat van een der studenten
Caput
De Mediatoris Persona.
III.
het centrale bewustzijn,
is
dus
De unione naturarum.
7.
waardoor de mensch op
Het werk der Incarnatie
optrad.
§
zijn wil werkt, zelf als
schelijke natuur als een mantel
aannam, maar dat
natuur het subject geworden
en als menscheiijk subject
handelde het
van
Ik
Quantum
enz.
is
finitum
infiniti
capax
goddelijk subject zich ook
het
mensch
dat de tweede Persoon de
niet,
Hij
sluit
in die
men-
menschelijke
zelf in die
dus ook
47
natuur sprak,
dit in
zich, dat
bond aan de beperking der men-
schelijke natuur.
De tegenwoordige Vermittlungstheologen hebben dit alles „de belijdenis van de twee naturen en de vereeniging dezer twee naturen in één persoon", een verouderde stelling genoemd. (Bij ons verklaarde de oude Chantepie de la Saussaye :
in zijne openingsrede in Groningen.) En daarvoor kwam bij hen de plaats de „Gottmenschliche" voorstelling van den Middelaar, die hen lokt naar de belijdenis niet van twee naturen, maar van één natuur en in die ééne natuur de qualiteit van beide saamgevat.
dit
nu
publiek
in
De Lutherschen omnia novit
Wat
leert
et
zeiden, dat Christus
omnia
potuit
;
non tantum
ut
Deus sed etiam
de Gereformeerden ontkennen
ut
homo
dit.
ons de Schrift?
wordt toegestemd,
Beiderzijds
dat in de Schrift vaak van den Zoon des menschen uitdrukkingen gebruikt en dingen gezegd worden, die de pretentie
der menschelijke natuur te buiten gaan.
Zoon gegeven overgegeven Christus
naar
Wanneer
er staat
heeft het leven in zich zelf te hebben, dat
dan
etc, zijn
zijn
omnium consensu
dit
menschelijke
tot zijn goddelijke natuur.
;
dat de Vader den
Hem
het oordeel
is
uitdrukkingen, waarin van
natuur dingen gezegd worden, die behooren
Maar nu concludeeren de Lutherschen daaruit: ombenoemden Middelaar
dat deze dingen van den naar zijn menschelijke natuur
gezegd worden, worden
zij dus gezegd van zijn menschelijke natuur. Endaartegen komt de Gereformeerde op en zegt: neen, volstrekt niet; maar het subject
kan beurtelings met den menscheiijken of goddelijken naam genoemd, en niet van de menschelijke natuur, maar van den naar de menschelijke natuur benoemden Middelaar wordt die goddelijke eigenschap gezegd. Calvijn heeft altijd geworsteld
genoeg
te
maken
;
de geheele Dogmatiek.
is,
beurtelings kan
om
vinden,
dit
maar
duidelijk
Aan
genomen naar de beide
den een of den anderen naam gebruik,
doeld en dat het dus niet noodig zeg, dit
te
dit punt hangt Wij zagen, dat krachtens de communicatio idiomatum
het subject, dat altijd één dat, of ik
om woorden
vooral in het Evangelie van Johannes.
is,
als ik
altijd
qualiteiten
hetzelfde subject
is
;
be-
een menschelijke zaak van het subject
ook met den menscheiijken naam
te benoemen of omgekeerd, maar dat promiscue het subject naar de menschelijke of goddelijke qualiteit benoemen kan, onverschillig of ik van het subject goddelijke of menschelijke zaken meedeel. De Lutherschen daarentegen zeggen Neen, als het subject naar de menscheik
:
lijke qualiteit
benoemd wordt, dan
is
de werking, die er aan wordt toegekend,
ook een werking der menschelijke natuur. LaatonsthansnagaanwatdeKerkhieroverzeideinhareofficiëelebelijdenisschriften
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's