Dictaten dogmatiek. Locus de Sacra Scriptura, Creatione, Creaturis - pagina 67
college-dictaat van een der studenten
Caput Er
een
is
den
in
De Necessitate Sacrae Scripturae
II.
geloofd
voor de echtheid van
op
het
wij
en
vinden
dat
Wanneer
bewijs.
later
een
dat
dat
stuk
de Kerk om het Nieuwe Testament Maar voor ons ligt de bewijskracht Nieuwe Testament daarin, dat het N. T. sluit het Oude Testament in zijn onwrikbare Majesteit het Nieuwe daarop past, daar hebben wij het
het
Waar
vind
53
etc.
heeft.
Oude.
staan
zien
Hancce
6.
waarin
geweest,
tijd
Bijbel
§
een legkaart heb, waaruit een stuk gemist wordt, en
ik
dat
stuk,
echt
precies in past, dan
er
is.
Oude
Door
het
nu
van
ik
dat voor mij het bewijs,
is
komen
Testament
wij
tot
Christus.
Die
(ypx^ng)
opschrijving
Mozes,
Heeft
vóór Mozes
dan
er
Gods
geen
woord
begonnen
is
opteekening
schriftuurlijke
met plaats
gehad ? Wij komen hier op Judas
Henochs
uit
heeft
verwezen
noch
daarvan
woorden
deze dus
aan
die
ze
Judas
spireerd,
een
stuk
rryv en
niets
heeft
bestaan,
hetzij
aan
creatione),
de
door
ten
er
'Evw^,
heeft
kunnen
zij
Geest,
wij
niet
metter-
stond,
door den
H.
verwijzen
geïn-
weer
naar dit
van Abraham
eens
niet
Geest
maar ook
toegekend,
zelf
dat
;
naam van Henoch dat Henoch
den
Anderen
Henoch
dat
van Judas
vernield
Abraham
Rabbijnen
kTroKÓ.Xwi^tQ
denzelfden
tijde
onder
Judas,
overgenomen.
volgens
is
nu
dat
SomMaar
voor,
oplossing
overlevering
uit
en
;
heeft
(de
Deze
dat
boeken.
opgeschreven
gebracht
veeleer,
waarin
uitgelaten
dit
boek
geeft
gelooven
ander,
had
zoo
zich
geïnspireerd.
heeft
'
zoo
't
nooit
zijn
de
in
stelde
maar
gedachtenis
geschrift
een
Coccejus
gesproken,
in
wij
;
een
van
of
wel
nog
Fatrum,
XII
punt
Dit
gegeven.
Apocryphe
de
gegeven wordt
gegaan.
aanleiding
twist
naar
citaat
citaat
loor
te
is
veel
tot
dit
vinden.
te
Henoch
aannemen daad
voor
Testamentum
het
in
iets
is
overigens
eeuwen
vroeger
in
migen
waar ons een
14 en 15,
vs.
die
profetie,
afkomstig.
Hebben degenen, die na Abraham leefden, dan geen aanteekening gehouden — Zij die de boeken van Mozes wat in hun dagen geschiedde?
van
goed hebben bezien, weten, dat vergeleken
gen
en
hebben
dat
dus
gehad,
plaats
bij
metterdaad
de bearbeiding bestaande schrifturen in
waarin
vroeger of later familie-
tijd
volksverhalen
of
zijn
reeds opschrijvin-
werden
opgeteekend.
Men
moet
vergissen. die
oudere
zich
Voor
echter
de
nooit
autoriteit,
documenten
niets
;
in
de de
zijne
beschouwing over die stukken
zekerheid
apographa
der
Schrift
alles.
Stel,
bieden
men
ons
vond
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 776 Pagina's