Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 891
college-dictaat van een der studenten
Hoofddeel licht
VI.
§
De Grondbeschouwing der
3.
H. S.
staan, dat Hij optreedt oin het menschelijk geslacht aan
te
201
God
ver-
te
binden. In Efeze 2 : 15 zien wij nu, hoe het doel van Jezus' optreden wordt geschetst. Daar heet het, dat Hij „de vijandschap in zijn vleesch heeft te niet gemaakt, n.1. de wet der geboden in inzettingen bestaande opdat hij die twee in zich;
zelven tot eenen nieuwen mensch zou scheppen, vrede makende.
Die twee
Niet een
de overige volken der wereld, andererzijds
zijn eenerzijds al
en saam dus
't
Wat
geheele menschelijke geslacht.
mensch met nieuwe
is
Israël
nu die „nieuwe mensch" ?
maar de nieuwe menschheid.
qualiteiten,
eenen nieuwen mensch scheppen" staat er, van twee gesproken. Er „nieuwe menschen" men gebruikt in alle talen bij het aanduiden der qualitelt het enkelvoud, Zoo bijv.: die personen zijn benoemd tot officier, [„Tot
staat
niet
;
ouderling enz.]
Zullen wij nu de zaak dieper opvatten, dan moet
Het Verbond neemt
gewezen op
het
Verbond.
de geheele heilsopenbaring eene zeer breede plaats
in
in,
wanneer wij tot die verbondsleer komen, dan moet geconstateerd worden, dat onze oude Gereformeerde Dogmatici de zaak gegrepen hebben. Nooit werd door hen verzuimd bij de uiteenzetting dezer leer er op te wijzen, dat
en
Verbond in de geslachten vidu, altijd met het geslacht. het
dat
zij
genade
Hierbij
de geslachten aan
De
concatenatie
Gods
niet
en
in
de geslachten,
schoven
kwam
n.1.
niet tot zijn recht.
duidelijk
op den
weer verder worden geconcludeerd dat
het heil
de geslachten
kan
van de erfzonde en de
echter
zij
de enkele individuen zoekt, maar het menschelijk geslacht.
„Verbond" bond,
van
daaruit
intusschen niet verzwegen worden,
toonen; het punt waarop het aankwam,
te
het zoeken van de heilsopenbaring
voorgrond,
mag
om den samenhang
het grepen van ééne zijde in
Nooit wordt het gesloten met het indi-
spreekt.
kan
gesloten
in
zin
2erlei
tusschen
man
worden opgevat
en
man,
:
Men
afloopend
bij
kan hebben een ver-
den
dood, zooals
bij
David en Jonathan.
Vaak maakt de H. S. van zulke verbonden melding zij bestonden tusschen Abraham en Mamre, Eskol en Aner, tusschen Abraham en Achimelech, David ;
de
en
koningen
der
omwonende volken
H. S. nooit van het verbond Gods;
na u."
Zingen wij dan ook 't
altijd
enz.
In
dien zin spreekt echter de
heet dit laatste „met u en
uw
zaad
:
Verbond met Abraham
zijn
vrind
Bevestigt Hij van kind tot kind,
dan
is
Was
daarin de gedachte van het verbond uitgedrukt. dit
niet
zoo,
dan
zou
er
geen sprake
zijn
van een verbond met de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's