Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 252

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 252

college-dictaat van een der studenten

1 minuut leestijd

Locus DE Deo (Pars Prima).

234

rtnff n\y' n^i d^^S

Om

zeer interressant.

Maar

volgenden

Dat het

pluralis

forma

was

loor

moet

dan

ergens,

te

hier

een singularis op volgt: laris

aan evenzeer

Evenals

D\i1>x

plurali

wordt gebezigd,

met den

is

wel een sterk bewijs, dat

^i<r\.

Men

zag het dus werkelijk ook voor een singu-

als cri^N.

wordt dan ook

hem

van

het vreemde, dat zelfs

tegenstelling

men met een pluralis te doen had. Zoo een singularis staan. Temeer klemt dit nog, daar er

in het enkelvoud geconstrueerd.

""inN

in

Gen. 42

zonen Jakobs identificeeren den grootvizier met Farao eerbiedig

vers

gegaan, dat

voorbeeld wordt daarvan gevonden

neutraal

om

waar men toch om de

"'JÏN,

dit

is

enkelvoud zou verwacht hebben: „Heer der heeren".

een

zelfs hier

besef

Godsnamen

die

al

wijs er in dit verband op,

ik

nog wordt gebezigd

hier

alle

opeenhooping van

de

als

^iNn

•"JiN

en

;

toch

is

het

:

De teruggekeerde

30.

zelf

en spreken dus zeer

wederom c^w,

en

"in"i

Eengeheel

singularis.

hebben

Vervolgens een

suffix

Nu

^yiN.

Adoni

op

de n^x,

wijzen,

te in

dat

men

het enkelvoud

"'^'tN

gewone wijze van toespreken; ;

en

als

in

al

spoedig

meervoud

het

men met elkander

en daarbij staat dan de piN tegenover

dominus tegenover den servus

de

dat piN

bij

zijn

of de serva.

12V of

Vandaar

woord gebezigd werd door een knecht tegen zijn heer, een kind tegen een vrouw tegen den man, in cuius erat potestate. Het is dus

dat dit zijn

de

men Adoni

sprak, bezigde

tegenover

er

gaan gebruiken, dus

is is

wij

vader,

aan

gelijk

feitelijk

bleef het

nomen

te

ons Mijnheer, Monsieur. Eene enkele maal

ook zoo

is

het in onze

maar ook veelal „Heere". Oorspronkelijk besef in het Hebreeuwsch nog levendig, dat men hier met een prodoen had. Cf. 1 Sam. 16 16, waar men zegt: l^piN het blijkt, dat

overzetting dan

vertaald,

;

:

men

toen volkomen den vorm begreep. Maar dat is een rara avis. Overigens komt voortdurend het enkelvoud voor, ook waar meerdere personen saam zijn. Cf. Gen. 47 18. Dat is evenwel, gelijk wij zagen, niet iets specifiek eigen:

aardigs in het Hebreeuwsch, maar Bij

den Heere onzen

gezegd, dus ook niet

komt

God hebben

^:iN,

in

alle talen

zoo voor.

wij hetzelfde. Nooit

maar altoos

ü'^pii,

st.

wordt van

cstr. '•^nN,

Hem

piN

en dan met suffix

'Ay. Feitelijk moet er nu een patach staan onder de jod. Dat geschiedt dan ook, als er

sprake

is

van een heer onder de menschen. Maar wordt de Heere

bedoeld, dan bezigt men, ter onderscheiding, eene kamez.

God

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 252

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's