Dictaten dogmatiek. Locus de Salute, Ecclesia, Sacramentis - pagina 107
college-dictaat van een der studenten, niet in den handel
De
§6.
85
Vocatione.
hunner wedergeboorte, maar hunner bekeering.
niet
Bij
de wederge-
borenen beantwoordt aan deze uitwendige roeping eene werking van den Heiligen Geest, die te zijner tijd het geesteUjk licht in hun bewust-
bedwang brengt van
ontsteekt en hun zin en hun wil onder het
zijn
het dictamen van hun verhelderd bewustzijn te moeten volgen. Deze daad van den Heiligen Geest, die op het door God bepaalde tijdstip plaatsgrijpt, veronderstelt voorafgaande wedergeboorte en draagt in figuurlijken zin
Eer
de
het
Woord
in
interna.
er was, trad hiervoor in de plaats de inspiratie en
Thans
traditie.
Woord
ook wel den naam van vocatio
de vocatio externa en interna gebonden aan het Woord alleen redelijk overtuigt zonder
is
zin, dat het
zulken
kunnen werken en dat de geestelijke uitwordt door de zich inschakelende gewrocht werking van het Woord zich
uit
geestelijk
zelf
te
werking van den Heiligen Geest." Toelichting.
Ook
het
heeft
hier
woord weer onderscheiden
zin en beteekenis
;
evenals
„wedergeboorte" en „bekeering". Brakel verstaat onder vocatio interna
woord wat wij als wedergeboorte behandelen. Anderen vatten de roeping geheel uitwendig op en laten haar opgaan in de prediking des Woords. Daarom trachten wij de beteekenis dezer woorden te fixeeren, om ons zelf en de kerke Gods aan helderheid en klaarheid te gewennen. Daarom moet er af wat er niet bij 't
hoort en de aard en het
Nu
is
wezen der zaak
vastgesteld.
„roepen" geen daad, waardoor eene macht gewerkt wordt,
maar
wedergeboorte)
het
is
in
zijn
(als in
de
bewustzijn een gedachte hebben en met
die gedachte zich uit zijn bewustzijn richten tot het bewustzijn van een ander.
Roepen
richten tot een persoon,
Roepen veronderstelt een
bewegen.
te
zich
het
is
om hem
een (actieve) daad
tot
het hooren van woorden, het
stem,
van gedachten en wel zoo, dat de toegeroepene het hooren en begrijpen kunne. Uit deze eenvoudige definitie van roepen moet dus ook de beteekenis uiten
van de roeping Gods afgeleid. De roeping Gods uit
Gods
is
dus het uitgaan van een woord
dat zich richt op ons bewustzijn
bewustzijn,
;
het
is
geen melding,
geen bericht, maar roepen en daarom moet de zondaar het kunnen verstaan en tot werkzaamheid er door geprikkeld worden. Deze zondaar wordt geroepen
om
te
komen,
Maar
niet
wij
eer
om
te blijven
wij eerst eene geheele andere
Heere ?
roepen?
Bij
Hem hebben
Cf.
Oen
1
staan.
deze schakel
aan
.-
in
y.'aIt'.c
den locus de Salute toekomen, moeten Wat is roepen voor God den
behandelen.
wij steeds het archetypische.
3 „daar
zij
licht
en er
was
Wat
licht".
is
het archetypische
Ziedaar een roepen,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 728 Pagina's