Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 253

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 253

college-dictaat van een der studenten

2 minuten leestijd

§ Dat

^yiN

nu

is

Zichzelven

van

bezigt,

voorbeeld Jes. 8

een

zulk

De nominibus

6.

vaste

geworden,

het

ook

toch anders D^JiN verwachten zou.

Bij-

term

men

waarbij

235

Dei.

dat

de

Heere

7.

:

woord genoegzaam toegelicht. Alleen wijs de naam nln;" meer en meer in onbruik dat raakte, "'i^x de naam is geworden, waarmee Israël zijn God toesprak D\"i^N werd, waarmee terwijl naam het, de was dan de meer intieme naam, meer verwijderd, over zijn God sprak. Vandaar, dat in de Septuagint de naam Vandaar diezelfde naam zoo Kóptsq de naam geworden is voor den Heere. En vandaar eindelijk het overvloedig veelvuldig in het Nieuwe Testament. gebruik van den naam HEERE in de Christenheid, en bepaaldelijk onder de Hiermee

het gebruik van dit

is

ik er ten slotte

nog op,

dat, toen later

;

Gereformeerde Christenen.

Een volgende naam

40.

Wat de

naam Jehova

den

drie

gedachte,

juiste

in

namelijk het praeteritum, praesens en

inzaten,

tijden

Eene materieel

futurum.

mn\

is

etymologie betreft, zoo hebben de Joden staande gehouden, dat

formeel

alleen

die

onjuist

is

uit-

gewerkt.

Dat deze opvatting materieel

Daar toch lezen wij Hij

w

5

is

Kxl.

b

r,v

in cap. y.xi.

z

1

juist

ïp'fb^iyoq^

praeteritum en futurum in uitkomt. niet staat o

ka-ij [xiyoq^

is,

4 en

:

toont ons de Apocalyps vanjohannes.

4

in cap.

waar dus

Want wel

maar dat behoeft ons

8 van Iemand, die zegt, dat

:

de toespeling op praesens,

juist is

volkomen waar, dat

hier

bevreemden, omdat de

uit-

het

niet te

drukking hier gebezigd wordt van den Messias, niet van het Eeuwige waarbij

zelf,

het

terwijl

dan

die Messias in zijn Goddelijk karakter

ïp^'j^ivoq

wijst

op den dag

11

:

17

maar

*),

en evenzoo cap. 16

zpy^ó/ucvsc

h

is

:

5,

weggevallen.

Neem

boek.

dit

dan lezen Het

wordt gevindiceerd,

wat

zijner toekomst, iets

hangt met het apocalyptisch karakter van

we nog

verschil

ligt

Wezen

ik

juist

samen-

daarentegen cap.

wel van

ó

w

y.xlh

r,y,

hierin, dat in die beide

gekomen is, na de parousie; dus kon het •py^^ipccvsc er niet meer bij staan. De grondgedachte ligt derhalve in het o kxI h r,v. Zelfs rijst hierbij de vraag, of het spreken van t: A kxI In Ts Cl niet insgelijks eene zekere verwijzing inhoudt naar den naam Jaho. laatste

hoofdstukken het drama speelt, nadat

Hij

w

de Apocalyps toch vinden wij gedurig een diepzinnig spel met

weer de

n

in

hare numerieke beteekenis worden verklaard.

zeer zeker

*) Zie

genomen

als het begin

de Editie van Tischendorf.

en het

slot

Zoo

zijn

dan A en

letters, die

hier de

van het Grieksche alpha-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's

Dicaten dogmatiek. Locus de Deo - pagina 253

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910

Abraham Kuyper Collection | 948 Pagina's