Dictaten dogmatiek. Locus de Providentia, Peccato, Foedere, Christo - pagina 225
college-dictaat van een der studenten
§ bezwaren
die
gemeente
De
8.
doen
stuitend,
behagen
te
Providentia et Mediis Homini oblatis.
aangrijpen en doen daardoor meer
we wel
moeten
geraken
tegenover
te
:
God
zijn
als
der
menschen
grens stellen.
Binnen afzienbaren
toe.
De mensch moet
God is er niet." Op het andere standpunt mensch dan probeeren aan
het
zeggen
van
een
kladschilder,
God
voor
de
beide
niets
te
zijn
niets
men
door duizenden
bij
men
Het laatste
„Steeds neemt het kunnen
niets
zal
tijd
:
die hier
kent alleen
aan menschelijk kunnen
Een
„God
:
Al
de Werker
is
wat God doet iets
is
;
wat
zal ik nietig
compleet.
Wie zal nu Wat te
gaan toevoegen?
stuk van Rembrandt iets wil bijEn zoo bederft ook alle bijvoeging volmaakte werk Gods." die
een
bij
standpunten
absolute over.
voor den mensch niets meer lijk
of
maar bederft
zichzelf
doen
werker
geoefend, de krachten opgespoord.
werk van dien volmaakten werker
maken ? Hij voltooit van menschen het in Dat
zegt
werken."
te
tot helder inzicht te
de twee absolute standpunten.
wordt ingenomen door de ongeloovige wetenschap een
Om
kwaad dan goed.
kent alleen
Dat
als werker.
öf ze gaan bedekken om de ruwe greep dergelijke bezwaren
twee
met
oog vatten de principieele meeningen,
't
Men
elkaar staan.
den mensch
in
van
een
gaan
ze
öf
225
te
Als de mensch alles doet,
:
En omgekeerd doen over. Het
duizenden,
het
Als
:
God
eerste standpunt
wordt
laatste
blijft
alles doet, blijft er
wordt
feite-
bijna
nooit
absoluut
ingenomen.
Maar
komt voor een halfslachtige positie, n.1. deze, dat men voor de onderhoudende dingen tegen 't gebruik van middelen niet de minste bedenking heeft, maar wel tegen dat van medicijnen. Nog breeder is de schare van hen, die èn onderhoudende èn herstellende middelen gebruiken, maar veelvuldiger
bedenking opperen
weer nauwer gen
:
hetzij
tegen
ze
van
gebruik
het
praeventieve
middelen
;
en
dat
die praeventieve een opzichzelf schadelijk karakter dra-
hetzij
:
in conflict
komen met natuurmachten
(bliksemafleider)
:
hetzij
ze tot misbruik aanleiding geven (verzekering).
Dat halfslachtige standpunt doordat Deus,
partim
homo
beschouwt men
is
niet uit een principe ontstaan,
menigte halfslachtig
de groote
als
agit.
tot
Al
ons
is
maar
historisch
en het zoo beschouwt, dat partim
wat een ordinair karakter draagt en zeker terrein
behoorend
;
wat
onzeker
is
is
en van de
gewone orde afwijkt als tot Gods terrein. Bij den landbouw hangt goede of kwade oogst af van 't weer, een onzekere macht. En dat weer, dat onzekere, ging men toen aan God toeschrijven, daarvoor voelde men zich van God afhankelijk. Vandaar dat in landbouwende streken het bidden zoo lang stand hield.
Zoo III
heeft
ook
het
zeemansbedrijf
een
onzeker element, waardoor
in
15
dat
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 januari 1910
Abraham Kuyper Collection | 1028 Pagina's